Latest / De kinderpodcast / HERFST | De Kinderpodcast #83
Transcript
- 0:00Speaker 1: welkom bij een nieuwe kinderpodcast
- 0:05Speaker 2: ja en vorige week was het zo ontzettend gezellig met
- 0:09Speaker 2: vesper myrthe ja en toen zijn we wat vergeten
- 0:12Speaker 1: om te zeggen dat wij een weekje op vakantie zijn
- 0:15Speaker 1: en daarom herhalen we er eentje van de herfst een
- 0:19Speaker 2: podcast ja inderdaad en volgende week zijn we weer terug
- 0:23Speaker 2: met een nieuwe en waar gaat die over snoep oh
- 0:27Speaker 2: lekker zoete aflevering
- 0:30Speaker 2: ik heb het er nu al zin in ja ik
- 0:31Speaker 2: ook
- 1:24Speaker 2: myrthe vandaag gaan we het hebben over de herfst welke
- 1:27Speaker 2: uh seizoenen ken jij eigenlijk allemaal
- 1:30Speaker 1: de winter en daarna komt lente
- 1:35Speaker 2: heel goed
- 1:36Speaker 1: en en dan is het maart
- 1:38Speaker 2: en wat komt daarna
- 1:40Speaker 1: en de zomer en dan ben ik klager
- 1:43Speaker 2: ja dat klopt en de zomer is nu voorbij en
- 1:46Speaker 2: nu is het herfst het is officieel herfst de herfst
- 1:50Speaker 2: is begonnen maar wat is eigenlijk de herfst dat er
- 1:53Speaker 1: allemaal blaadjes van de bomen afvallen en dat er dat
- 1:57Speaker 1: je kastanjes kan zien dennenappels en daar kan je allemaal
- 2:01Speaker 1: mee knutselen bijvoorbeeld een egel
- 2:04Speaker 2: ja inderdaad um ik kan
- 2:06Speaker 1: ook een egel dan bakken een egel bakken
- 2:09Speaker 1: ja dat heb ik een keer met mama
- 2:11Speaker 2: gedaan hoe ga je dan een egel bakken
- 2:13Speaker 1: van de eierkoek
- 2:15Speaker 2: oh zo wat grappig vind dat nog nee dat weet
- 2:19Speaker 2: ik helemaal niet
- 2:20Speaker 1: meer vorig jaar
- 2:27Speaker 2: met ik denk op de bovenkant hagelslag
- 2:28Speaker 2: wat voor weer is het meestal in de herfst
- 2:31Speaker 1: niet zo lekker lekker
- 2:33Speaker 2: koud het is wat kouder dan in de zomer inderdaad
- 2:36Speaker 2: hè ik
- 2:37Speaker 1: zei lekker
- 2:37Speaker 2: koud ja ja nou dat zeg je eigenlijk wel goed
- 2:40Speaker 2: want in de herfst is het soms koud is het
- 2:42Speaker 2: soms regenachtig maar soms heb je ook nog een
- 2:45Speaker 2: hele mooie dag van de week hebben we nog een
- 2:47Speaker 2: hele mooie dag gehad hebben we heerlijk buiten gespeeld en
- 2:50Speaker 2: buiten gezeten dus het kan allemaal maar de herfst is
- 2:53Speaker 2: over het algemeen wat kouder en wat natter ja lekker
- 2:56Speaker 2: koud ja en lekker in de plassen stampen met je
- 2:59Speaker 2: laarzen boem boem boem boem boem.
- 3:01Speaker 2: wat hebben wij van de week gedaan naar het bos
- 3:04Speaker 2: wij zijn inderdaad naar het bos geweest en dat vind
- 3:07Speaker 2: ik in in de herfst vind ik dat altijd het
- 3:10Speaker 2: gezelligst eigenlijk ja
- 3:12Speaker 1: want dan zie je allemaal leuke dingen op de grond
- 3:14Speaker 2: liggen ja want wij gingen naar het bos misschien kan
- 3:17Speaker 2: je dat eens vertellen wat hebben we allemaal gezien in
- 3:19Speaker 2: het bos
- 3:20Speaker 1: heel veel blaadjes 1000 miljard onede
- 3:24Speaker 2: blaadjes ja en dan kon je er doorheen lopen en
- 3:26Speaker 2: hoe hoe voelde dat dan als je daar doorheen liep
- 3:29Speaker 1: gewoon net zoals normaal
- 3:32Speaker 2: ja maar ik vind het toch ook altijd het maakt
- 3:34Speaker 2: toch ook altijd een beetje een soort geluid hè als
- 3:36Speaker 2: je er doorheen loopt
- 3:37Speaker 1: oh ja dan loop je er de blaadjes in en
- 3:39Speaker 1: dan hoor je al dat
- 3:43Speaker 1: dan komen de blaadjes met je mee omdat je dan
- 3:47Speaker 1: daar opstaat en dat hoor je
- 3:49Speaker 2: dan ja een beetje een soort gekraak van de blaadjes
- 3:52Speaker 2: ja en wat hebben we nog meer gezien in het
- 3:54Speaker 1: bos en
- 3:55Speaker 2: kastanjes ja we hebben twee verschillende soorten kastanjes gezien hè
- 4:01Speaker 2: we hebben van die hele mooie gladde ronden gezien maar
- 4:04Speaker 2: er viel er ook eentje
- 4:06Speaker 2: Toen zaten er twee mensen op een bankje. En in
- 4:08Speaker 2: één keer
- 4:09Speaker 1: floepsde daar echt precies naast.
- 4:13Speaker 2: Hij viel precies naast de mensen die op het bankje zaten. Ja,
- 4:18Speaker 1: gelukkig kon het meisje nog net wegtrekken.
- 4:20Speaker 2: Ja. En toen ben ik even gaan kijken, want hoe
- 4:24Speaker 2: zag het eruit wat eruit viel
- 4:28Speaker 1: er zat een bolster eromheen.
- 4:31Speaker 2: Ja, dat weet je heel goed dat dat zo heet inderdaad.
- 4:33Speaker 2: Een bolster zat er omheen.
- 4:34Speaker 1: ja dat is niet zomaar een ding dat is een
- 4:37Speaker 1: stekelig ding dat de dieren niet opeten ja
- 4:41Speaker 2: daar hebben we het inderdaad over gehad want
- 4:43Speaker 1: want want anders is het een beetje zonde en je
- 4:46Speaker 1: kan sommige kandjes ook nog eens eten
- 4:50Speaker 2: ja in dit geval hè want we hadden dus de
- 4:52Speaker 2: ene kastanjes die zie je heel vaak maar nou zaten
- 4:54Speaker 2: we vielen er inderdaad kastanjes uit de boom die je
- 4:57Speaker 2: ook zou kunnen eten en daar hebben we het over
- 5:00Speaker 2: gehad inderdaad dat dat in een bolster zat dus dat
- 5:02Speaker 2: heb je heel goed onthouden en dat de vogeltjes dat
- 5:04Speaker 2: dan niet kunnen eten
- 5:05Speaker 1: nee omdat dat is stekelig en als we het dan
- 5:07Speaker 1: in de mond doen dan steekt het
- 5:11Speaker 2: ja dan prikt dat inderdaad ja dan dat heel erg
- 5:13Speaker 2: fijn dat je toch nog wat geleerd hebt ook
- 5:15Speaker 1: ja en dat voelt meestal niet zo
- 5:16Speaker 2: fijn
- 5:18Speaker 2: maar er lag nog meer op de grond want we
- 5:20Speaker 2: hebben we hebben nog veel meer dingen gevonden een eikel ja,
- 5:23Speaker 2: die hebben we ook gevonden en daar waren er ook
- 5:25Speaker 2: heel veel van en die hoorden we ook een beetje
- 5:27Speaker 2: uit de bomen vallen af en toe maar dat hebben
- 5:29Speaker 2: we niet echt goed gezien,
- 5:31Speaker 1: maar dat waren er 1000 miljoen ja,
- 5:33Speaker 2: dat waren er echt heel veel
- 5:34Speaker 1: hè ja ja misschien zijn er blaadjes nog iets meer
- 5:37Speaker 2: ja, van de blaadjes waren er nog meer maar we
- 5:39Speaker 2: hebben nog iets gezien in het bos en nou moet
- 5:42Speaker 2: ik zeggen hoe meer het herfst wordt, hoe meer je
- 5:46Speaker 2: ze gaat zien
- 5:47Speaker 2: en wij waren natuurlijk een beetje aan het begin van
- 5:48Speaker 2: de herfst dus we hebben niet heel veel gezien maar
- 5:51Speaker 2: we hebben er denk ik 3
- 5:52Speaker 1: gezien ik denk wel wat meer van wat dan van
- 5:55Speaker 1: de stoelen ja heel goed ik denk wel wat meer
- 5:58Speaker 2: hoor ja hoeveel denk je dat we er hebben gezien
- 6:01Speaker 2: 6 of 7 oké ja, ze zaten ook een beetje
- 6:04Speaker 2: bij elkaar sommigen hè ja ja
- 6:06Speaker 1: maar daarom denk
- 6:06Speaker 1: denk ik dat we er meer hebben gezien. Ja allemaal
- 6:10Speaker 1: groepjes van 3
- 6:11Speaker 2: en wat voor paddenstoelen hebben wij gezien van die eetbare Nee,
- 6:16Speaker 2: zeker niet eetbaar nee, want welke die witte ja, ze
- 6:19Speaker 2: waren wel wit inderdaad maar welke paddenstoelen zijn eetbaar? Champignonnen. Ja,
- 6:24Speaker 2: dat zijn de champignons en dit waren geen champignons. dus
- 6:28Speaker 2: deze moet je niet eten. Dus als je ooit een
- 6:29Speaker 2: keer in een bos een paddenstoel ziet staan
- 6:33Speaker 2: Dat moet je nooit aankomen. En die moet je ook
- 6:35Speaker 2: nooit eten. Je mag er eigenlijk ook helemaal niet aankomen.
- 6:38Speaker 1: Nee, want die zijn giftig.
- 6:40Speaker 2: Ja, ze zijn giftig en ze zijn heel goed voor
- 6:42Speaker 2: de natuur. Ze helpen de natuur om allemaal dingen op
- 6:45Speaker 2: te ruimen. Maar weet je wel daar wonen
- 6:47Speaker 1: kaboutertjes.
- 6:48Speaker 2: Daar wonen de kaboutertjes inderdaad.
- 6:51Speaker 1: Maar wij hebben ook kabouters
- 6:52Speaker 2: voorzien. En daar gaan we het sowieso ook zo meteen
- 6:55Speaker 2: over hebben. Wat kan jij vertellen over de kleuren van
- 6:59Speaker 2: de blaadjes.
- 7:01Speaker 1: eigenlijk een beetje gek, maar het is toch eigenlijk zo
- 7:06Speaker 1: eerst zijn de blaadjes in de bomen nu nog groen
- 7:10Speaker 1: allemaal maar de blaadjes die er bijna uitvallen die worden
- 7:15Speaker 1: dan een beetje bruinig ja ja en dan en dat
- 7:19Speaker 1: betekent dat ze er bijna uitvloepsen
- 7:22Speaker 2: ja die die vallen er dan in de
- 7:24Speaker 2: af maar ik vind het vaak heel mooi, want je
- 7:26Speaker 2: ziet namelijk allemaal verschillende kleuren dus je hebt inderdaad de
- 7:29Speaker 2: groene blaadjes ja
- 7:30Speaker 1: en en de gele ja
- 7:32Speaker 2: je hebt ook gele blaadjes rood ja en dan heb
- 7:35Speaker 2: je soms hele donkerrode maar ook soms heel licht rood
- 7:39Speaker 2: ja en welke kleur heb je nog meer bruin ja
- 7:43Speaker 2: en ik zie ook wel eens oranje echt ja
- 7:46Speaker 1: dat nog nooit gezien ja
- 7:48Speaker 2: een beetje donker oranje wel dat wel maar het zijn
- 7:50Speaker 2: allemaal echte herfstkleuren die hebben we allemaal gezien en ik
- 7:54Speaker 2: vind dat wel altijd heel erg mooi om al die
- 7:56Speaker 2: herfstkleuren dan zo te zien vind je niet
- 7:58Speaker 2: nou we zeiden dat al we hebben heel veel dingen
- 8:00Speaker 2: gevonden in het bos en daar kan je leuk mee
- 8:03Speaker 2: knutselen misschien maak je thuis wel een herfsttafel dat kan
- 8:06Speaker 2: ook hè of op school een herfsttafel
- 8:09Speaker 1: dan kan je mooi als je op school een herfsttafel
- 8:12Speaker 1: maakt dan kan je mooi dingen van het bos meenemen
- 8:17Speaker 1: voor de
- 8:17Speaker 2: herfsttafel zeker weten
- 8:19Speaker 2: En wij waren niet alleen op zoek naar spulletjes voor
- 8:23Speaker 2: uh te knutselen of voor de herfsttafel. Maar wij waren
- 8:26Speaker 2: naar iets anders ook op zoek. My in de bosch. Ja.
- 8:28Speaker 2: En waar gingen wij naar op zoek? Kabouters. Wij hadden
- 8:33Speaker 2: een kabouterpad in het bosch. En het was echt een
- 8:35Speaker 2: superleuk kabouterpad. Ja, want
- 8:37Speaker 1: mijn zusje zei Wouter Wouter Bouter. Ja,
- 8:40Speaker 2: je kleine zusje was ook mee. Linde.
- 8:42Speaker 2: en die die kan nog niet zo heel goed praten
- 8:44Speaker 2: maar wel een beetje
- 8:45Speaker 1: ja maar ze zei steeds wouter wouter bouter ja
- 8:49Speaker 2: dus daar hebben we heel erg om gelachen inderdaad dus
- 8:53Speaker 2: zij zocht bouters en wij zochten kabouters en en dan
- 8:57Speaker 2: elke keer gingen we van kabouter naar kabouter lopen en
- 9:00Speaker 2: dan zagen we elke keer weer een nieuwe kabouter ja
- 9:02Speaker 1: en uiteindelijk gingen we van het einde
- 9:05Speaker 1: weer naar het begin
- 9:08Speaker 2: liep een heel rondje ja was wel
- 9:10Speaker 1: raar eigenlijk vind
- 9:11Speaker 2: ik waar kan je eigenlijk een kabouter aan herkennen
- 9:15Speaker 1: met een rode puntmuts en zjes onder de paddenstoel
- 9:21Speaker 2: ja en wat voor paddenstoel dan
- 9:24Speaker 1: ja eigenlijk meestal een rood met witte ja
- 9:28Speaker 2: vaak een
- 9:28Speaker 2: toen met rood met witte stippen maar die is heel
- 9:31Speaker 2: moeilijk te vinden. Weet jij nog dat we die ooit
- 9:33Speaker 2: een keer hebben gevonden o ja weet je dat nog?
- 9:36Speaker 2: Het is al heel lang geleden op op
- 9:38Speaker 1: op vakantie ja, dat klopt op vakantie hadden we die
- 9:41Speaker 1: toen gevonden met Hanna Nelle
- 9:44Speaker 2: ja met met onder andere Hanna die het liedje in
- 9:46Speaker 2: zingt maar ook haar zusje Noëlle waren we toen inderdaad
- 9:50Speaker 2: in het bos aan het fietsen
- 9:52Speaker 2: en ineens zagen we een hele mooie paddenstoel en die
- 9:56Speaker 2: was rood met witte stippen en dat is echt alweer
- 9:58Speaker 2: een tijdje geleden dus ik ben ik ik vind het
- 10:00Speaker 2: leuk dat jij het ook nog weet want ik ik
- 10:01Speaker 2: heb ze niet zo heel vaak gezien echt mooie rode
- 10:04Speaker 2: paddenstoelen met witte stippen 2 of 3 ja
- 10:07Speaker 1: die stonden bij elkaar
- 10:10Speaker 2: en toen zijn we nog even gaan zoeken naar kabouters
- 10:12Speaker 2: maar toen konden we die niet vinden
- 10:15Speaker 2: maar hoeveel
- 10:16Speaker 1: wonen ze eigenlijk niet onder de witte
- 10:18Speaker 2: ja geen idee zouden we eens moeten vragen als we
- 10:20Speaker 2: er eentje tegenkomen
- 10:22Speaker 1: oh ja en weet je wat ze vaak ook doen
- 10:24Speaker 1: op een paddenstoel wippen wippen wippen ik ken nog een
- 10:28Speaker 1: liedje over kabouters
- 10:31Speaker 2: die ken ik ook op een grote paddenstoel met witte
- 10:36Speaker 2: stippen
- 10:44Speaker 1: zat kabouters heen en weer te wippen
- 10:45Speaker 1: met een diepe zicht allebei de beentjes
- 10:53Speaker 2: hoopla in de
- 10:54Speaker 2: jij zei een kabouter heeft meestal een rode puntmuts maar
- 10:57Speaker 2: volgens mij heeft een kabouter ook vaak nog iets anders
- 10:59Speaker 2: een paar ja
- 11:01Speaker 1: net als sinterklaas ja een paar
- 11:04Speaker 2: ja eigenlijk lijkt sinterklaas dan dus een klein beetje op
- 11:07Speaker 2: een kabouter want sinterklaas heeft ook een rode muts maar
- 11:10Speaker 2: dat is geen puntmuts nee maar wat is dan het
- 11:12Speaker 2: grootste verschil
- 11:14Speaker 1: dat sinterklaas een plus op zijner
- 11:16Speaker 2: heeft ja maar sinterklaas is ook groot en wat is
- 11:20Speaker 2: een kabouter heel heel klein
- 11:23Speaker 2: en kabouter is echt
- 11:25Speaker 1: is echt zoiets
- 11:28Speaker 2: en wat doen kabouters dan in het bos
- 11:30Speaker 1: en paddenstoel
- 11:32Speaker 2: zoeken en een beetje dingen schoonmaken misschien
- 11:36Speaker 1: ja, anders is het een beetje rommelig dan gooien mensen
- 11:38Speaker 1: het op de grond en dat is helemaal niet goed
- 11:42Speaker 1: voor de natuur en dan en dan gaan de kabouters
- 11:45Speaker 1: het lekker opruimen
- 11:47Speaker 2: nou dat hopen we wel altijd dat de kabouters het
- 11:49Speaker 2: opruimen maar eigenlijk moet je nooit iets gooien in de
- 11:51Speaker 2: natuur
- 11:51Speaker 1: slecht voor
- 11:55Speaker 2: ja precies
- 11:56Speaker 1: want anders moeten al de kabouters het weer opgaan ja
- 11:59Speaker 2: en zoveel kunnen ze niet opruimen dus je kan het
- 12:01Speaker 2: maar beter zelf opruimen maar wel een goede tip als
- 12:05Speaker 2: je een bos bij jou in de buurt hebt misschien
- 12:08Speaker 2: moet je even aan papa en mama vragen of er
- 12:10Speaker 2: toevallig ook
- 12:11Speaker 2: een kabouterpad is want soms heb je een kabouterpad en
- 12:14Speaker 2: dat is superleuk om daar langs te lopen ja dan
- 12:16Speaker 1: heb je allemaal van die houten kabouters ja maar maar
- 12:21Speaker 1: bij sommige kabouters als puntmuts hadden ze een
- 12:27Speaker 2: dennenappel ja een dennenappel was inderdaad de puntmuts
- 12:31Speaker 2: my jij zei het al jij ging een egeltje bakken
- 12:35Speaker 2: weet je dat nog maar maar maar weet je dat
- 12:37Speaker 2: er nog meer lekkere dingen zijn die je met de
- 12:40Speaker 2: herfst goed kan eten nee nou er is altijd een
- 12:45Speaker 2: heerlijke soep vind ik die je kan maken in de
- 12:48Speaker 2: herfst en weet je dan welke soep dat is nee.
- 12:51Speaker 2: hij is ook oranje pompoen ja pompoen
- 12:56Speaker 1: dat is eigenlijk wel waar want in de herfst groeien
- 13:00Speaker 1: de pompoenen
- 13:02Speaker 2: ja dus dan is een pompoensoep is heel lekker om
- 13:04Speaker 2: te maken in de herfst
- 13:05Speaker 1: eigenlijk wel en dan doen wij daar altijd een een
- 13:10Speaker 1: beetje creme fraîche bij dat dat maakt het juist
- 13:12Speaker 2: lekker nou het wordt ineens een kookprogramma bijna heel goed
- 13:15Speaker 2: ja
- 13:16Speaker 2: dat maakt het extra lekker daar zien we een beetje
- 13:18Speaker 2: wit in ons maar er is nog iets wat heel
- 13:20Speaker 2: erg lekker is in de herfst.
- 13:22Speaker 1: Ik denk maar ik weet het niet zeker een champignon
- 13:26Speaker 2: sowieso de champignons ook, maar er is eigenlijk nog iets
- 13:29Speaker 2: daar kan je heel lekker mee bakken en in de
- 13:31Speaker 2: herfst zijn ze denk ik het allerlekkerst. Je kan er
- 13:34Speaker 2: een lekkere taart
- 13:35Speaker 2: meebakken appels de appels ja de appels zijn heerlijk in
- 13:39Speaker 2: de herfst dus ik kan ook
- 13:41Speaker 1: een appelsoepje maken
- 13:43Speaker 2: een appelsoepje nou daar heb ik nog nooit van gehoord
- 13:46Speaker 2: maar misschien kan het ik weet het niet ik weet
- 13:48Speaker 2: het ook niet maar een appeltaart is heerlijk in de
- 13:51Speaker 2: herfst want de appels zijn het lekkerste in de herfst
- 13:54Speaker 2: myrthe ja ik denk dat het tijd is voor een
- 13:57Speaker 2: spelletje ja
- 13:59Speaker 2: en het spelletje van vandaag is ik denk aan iets
- 14:02Speaker 2: van de herfst ik denk aan iets van de herfst.
- 14:05Speaker 2: Ik heb allemaal dingen in mijn hoofd en die ga
- 14:07Speaker 2: ik omschrijven voor je en als jij weet wat het
- 14:09Speaker 2: is dan kan je het raden ben je er klaar voor?
- 14:13Speaker 2: ik denk aan iets ik denk aan iets en het
- 14:16Speaker 2: valt van de bomen en in de herfst is het
- 14:19Speaker 2: meestal rood geel of bruin en als je over me
- 14:24Speaker 2: heen loopt dan ritsel ik
- 14:27Speaker 2: r r raar wat is het
- 14:31Speaker 1: een blaadje
- 14:32Speaker 2: heel goed het zijn de bladeren van de bomen inderdaad
- 14:36Speaker 2: ik ben rond ik ben bruin
- 14:40Speaker 2: en soms heb ik stekeltjes om me heen maar je
- 14:43Speaker 2: kan mij heel goed verzamelen in het bos
- 14:46Speaker 1: en
- 14:48Speaker 2: ja heel goed misschien heb jij thuis ook goed geraden
- 14:52Speaker 2: ik ben heel klein
- 14:55Speaker 2: ik heb een hoedje op mijn hoofd en de eekhoorntjes
- 14:59Speaker 2: vinden mij heel lekker en ik val uit de bomen
- 15:04Speaker 2: ja heel goed wat dacht je eerst toen je het
- 15:06Speaker 2: hoorde van het hoedje
- 15:08Speaker 2: eh eikel oh je dacht wel gelijk aan een eikeltje
- 15:11Speaker 2: je dacht niet aan een kabouter ik dacht misschien is
- 15:13Speaker 2: dit een klein beetje een instinkertje dat je denkt aan
- 15:15Speaker 2: een kabouter nee heel goed geraden het is inderdaad een
- 15:18Speaker 2: eikel oké ik ben geel of oranje
- 15:23Speaker 2: ik ben groot en rond. Soms maken mensen een gezichtje
- 15:29Speaker 2: van mij. En je ziet mij veel met halloween en
- 15:31Speaker 2: de soep is lekker pompoen. Ja, heel goed. Het is
- 15:36Speaker 2: pompoen inderdaad. Daar kan je heerlijke soep van maken oké,
- 15:39Speaker 2: mag ik er nu eentje
- 15:40Speaker 1: doen zeker ik heb witte stippen en een kaboutertje woont
- 15:45Speaker 1: onder mij en ik ben rood met witte stippen
- 15:50Speaker 2: oeh dan denk ik een paddenstoel ja oké heb ik
- 15:55Speaker 2: er nog eentje myrthe heeft ze nu in het paars
- 15:59Speaker 2: je zusje heeft ze in het rood en als je
- 16:02Speaker 2: ze aan je voeten trekt dan kan je heel hard
- 16:05Speaker 2: in de plassen stampen ra ra ra waar denk ik
- 16:08Speaker 2: aan een laarzen ja heel goed aan de laarzen inderdaad
- 16:13Speaker 2: oké nou dan heb ik er nog eentje ik ben
- 16:16Speaker 2: klein en heb een puntmuts op en myrthe heeft mij
- 16:21Speaker 2: wel 10 keer gevonden in het bos
- 16:24Speaker 1: misschien wel 1000 keer
- 16:25Speaker 2: het zou ook kunnen raar raar raar waar ben ik
- 16:28Speaker 2: een kabouter ja heel goed inderdaad zei ik
- 16:30Speaker 1: ook misschien
- 16:34Speaker 2: 1000 keer ja inderdaad we hebben een kabouterpad gedaan dus
- 16:36Speaker 2: daar vond je alle kabouters helemaal goed gedaan ik hoop
- 16:39Speaker 2: dat als jij zit te luisteren dat je het ook
- 16:41Speaker 2: goed hebt gedaan
- 16:42Speaker 1: waar is de post waar is de post waar is
- 16:47Speaker 1: de post waar is de post heel
- 16:50Speaker 2: goed myte ik heb uh de post voor je verzameld
- 16:53Speaker 2: en er zitten weer wat leuke berichtjes tussen we hebben
- 16:56Speaker 2: weer zakken vol gekregen via de mail ik heb er
- 16:59Speaker 2: een paar leuke uitgekozen de eerste die is van wou
- 17:03Speaker 2: en wou die zegt dag myrthe en papa ik ben
- 17:06Speaker 2: wout en ik heb een ideetje voor jullie podcast
- 17:10Speaker 2: ik ben 4 jaar en ik woon in België zou
- 17:13Speaker 2: het misschien mogelijk zijn om samen een podcast te maken
- 17:16Speaker 2: dan kunnen we belgië en nederland met elkaar vergelijken groetjes
- 17:20Speaker 2: wout ja dat is een leuk idee hè het is
- 17:23Speaker 2: wel het is wel een een afstand die we dan
- 17:26Speaker 2: eventjes dus dan moeten we even goed gaan denken hoe
- 17:28Speaker 2: we dat zouden kunnen doen
- 17:29Speaker 2: maar ik vind het idee vind ik wel
- 17:30Speaker 1: heel leuk uh wij gaan uh naar België en uh
- 17:37Speaker 1: fout gaat naar nederland
- 17:39Speaker 2: oh en dat we dan kunnen vergelijken
- 17:41Speaker 2: ja of we moeten gewoon bellen met wout ja dat
- 17:45Speaker 2: zou ook nog kunnen nou dan kreeg ik nog een
- 17:46Speaker 2: berichtje van Misha hoi my naar papa ik ben Misha
- 17:50Speaker 2: en ik vind jullie podcast heel erg leuk die van
- 17:53Speaker 2: het circus vond ik het leukst gelukkig zijn er geen
- 17:55Speaker 2: leeuwen meer in het circus ik vond het wel heel
- 17:58Speaker 2: knap dat de motoren over de het publiek en de
- 18:01Speaker 2: kooi gingen verder stuurt hij nog dat hij heel erg
- 18:04Speaker 2: fan is van de politie en vooral met dan zo
- 18:09Speaker 2: stoer zijn de politieagenten
- 18:10Speaker 2: vinden wij ook wel hè
- 18:12Speaker 1: mijn tante werkt ook bij de politie ja
- 18:15Speaker 2: dus nou ja wie weet dan doen we ook nog
- 18:18Speaker 2: een keer iets over polities dan dan hebben we een
- 18:21Speaker 2: berichtje van Joris en joris die zegt hoi myte en
- 18:26Speaker 2: naar papa ik ben joris ik ben 5 jaar en
- 18:28Speaker 2: ik luister heel veel naar de kleuterpodcast ik vind alle
- 18:31Speaker 2: afleveringen leuk samen met mijn mama heb ik een eigen
- 18:34Speaker 2: podcast gemaakt over
- 18:36Speaker 2: stoplichten hoe hoe hoe kan dat nou daar ben ik
- 18:40Speaker 2: ook benieuwd naar en ik ben ook wel benieuwd hoe
- 18:42Speaker 2: die dan klinkt joris als wij die mogen luisteren dan
- 18:45Speaker 2: zouden we dat wel heel leuk vinden ja
- 18:47Speaker 1: dan dan kan jij onze podcast luisteren
- 18:50Speaker 2: en wij die van jou ja
- 18:52Speaker 1: we hebben 2 podcasts om te luisteren
- 18:55Speaker 2: ja zeker
- 18:56Speaker 2: uh dan kreeg ik nog een berichtje van Daniel en
- 18:58Speaker 2: Daniel stuurt hoi myrthe, ik ben vandaag gestart met mijn
- 19:01Speaker 2: eerste zwemles en ik vond het superleuk ging het goed
- 19:04Speaker 2: bij jou op zwemles myrthe ik kan niet wachten tot
- 19:07Speaker 2: het sinterklaas is groetjes daniel nou daar kunnen wij natuurlijk
- 19:10Speaker 2: ook niet op wachten maar goed, we moeten wat geduld
- 19:12Speaker 2: hebben ging het goed bij jou op zwemles myrthe
- 19:15Speaker 1: ja heel leuk vandaag moest ik weer naar zwemles ja
- 19:19Speaker 2: dus dat is heel toevallig dat die vraag komt lekkerien
- 19:23Speaker 2: Huh, maar moet je dan op zwemles leren om van
- 19:26Speaker 2: een glijbaan af te gaan
- 19:27Speaker 1: nee maar dat dat is juist leuk want dat leren
- 19:31Speaker 1: we niet want dat zijn gewoon spelletjes
- 19:35Speaker 2: dan de volgende vraag die kwam van julian en julian
- 19:39Speaker 2: zegt hé myrthe en papa ik ben julian en ik
- 19:41Speaker 2: ga elke avond voordat ik ga slapen naar je podcast
- 19:44Speaker 2: luisteren dat is een routine van mij geworden. Ik wil
- 19:47Speaker 2: zo ja dat is een goede vraag een routine is
- 19:50Speaker 2: iets dat je elke dag doet als je iets elke
- 19:52Speaker 2: dag doet
- 19:52Speaker 2: dan is dat een routine bijvoorbeeld ontbijten ja ontbijt elke
- 19:56Speaker 2: dag dat is een routine doe je altijd
- 19:59Speaker 2: of bij
- 20:00Speaker 1: mij uh is
- 20:02Speaker 1: op school is een routine
- 20:05Speaker 2: ja, soms luistert hij zelfs wel 2 keer per dag
- 20:08Speaker 2: naar de podcast dat vindt hij hartstikke leuk nou dankjewel
- 20:11Speaker 2: julian voor je berichtje wat leuk dan krijg ik nog
- 20:14Speaker 2: een berichtje van figo figo die zegt ik vind de
- 20:18Speaker 2: podcast heel erg leuk ik kan niet kiezen welke ik
- 20:20Speaker 2: het leukst vind maar bij de sportaflevering moet ik het
- 20:23Speaker 2: hardst lachen als jullie een wedstrijdje gaan rennen
- 20:26Speaker 1: ja dat is
- 20:27Speaker 2: ook heel grappig ja die vond jij ook het leukste
- 20:29Speaker 2: eigenlijk eigenlijk
- 20:32Speaker 1: speelde ik een beetje vals
- 20:34Speaker 2: ja maar elke keer als ik jou tegen ja klopt
- 20:37Speaker 2: en elke keer als je die terugluistert die podcast dan
- 20:40Speaker 2: hoor ik jou heel hard lachen ja ja en jou
- 20:43Speaker 2: ook
- 20:47Speaker 1: ja mij ook
- 20:48Speaker 2: het
- 20:50Speaker 2: dan myrthe kreeg ik nog een berichtje van Lucas en
- 20:53Speaker 2: jente en nou hebben we het natuurlijk gehad over luisteraars
- 20:57Speaker 2: uit België maar Lucas en jente die luisteren ook van
- 21:00Speaker 2: ver want die sturen hoi myrthe en je papa wij
- 21:03Speaker 2: luisteren graag naar jullie vanuit Zweden het is leuk om
- 21:07Speaker 2: naar jullie te luisteren en we kijken elke week weer
- 21:09Speaker 2: uit naar een nieuwe aflevering groetjes van Lucas en jente
- 21:13Speaker 1: ja maar um welke taal spreken ze eigenlijk in Zweden
- 21:18Speaker 2: in Zweden spreken ze zweeds
- 21:20Speaker 2: en weet je hoe dat klinkt nee ik ook niet
- 21:22Speaker 2: ik spreek geen zweeds maar weet je wat ik wel
- 21:24Speaker 2: weet ik weet wel dat ze in zweden lekker eten
- 21:29Speaker 2: hebben
- 21:29Speaker 1: en wat is typisch zweeds
- 21:32Speaker 2: zweedse balletjes gehakte balletjes uh abba is muziek is typisch
- 21:37Speaker 2: zweeds spotify waar onze podcast ook op staat komt ook
- 21:42Speaker 2: uit zweden volgens mij
- 21:43Speaker 2: uh en uh even denken wat is nog meer typisch
- 21:47Speaker 2: zweeds de ikea dat is ook typisch zweeds
- 21:50Speaker 2: ja maar ik denk ja maar ik denk dat er
- 21:54Speaker 2: nog heel veel meer dingen uit zweden komen en dat
- 21:56Speaker 2: weten lucas en jente vast en zeker
- 21:59Speaker 2: en dan hebben we dan hebben we het over ver
- 22:01Speaker 2: weg gehad maar we hebben hier een berichtje van iemand
- 22:03Speaker 2: die denkt dat wij heel dichtbij wonen ik krijg een
- 22:07Speaker 2: berichtje van julian julian die schrijft we kwamen erachter dat
- 22:10Speaker 2: jullie waarschijnlijk ook bij ons in de buurt wonen gezien
- 22:13Speaker 2: de activiteiten die jullie doen dus alle dingen die wij
- 22:16Speaker 2: doen
- 22:17Speaker 2: dat vind ik geweldig en ik denk ook dat ik
- 22:20Speaker 2: jullie zomaar zou kunnen bellen maar ik denk wel dat
- 22:23Speaker 2: ik denk wel dat julian een beetje een speurneus is
- 22:25Speaker 2: dat hij ons heeft gevonden maar dan luistert hij extra
- 22:27Speaker 2: goed dat is leuk
- 22:29Speaker 1: misschien komen we elkaar wel
- 22:30Speaker 2: tegen ja dat zou zomaar kunnen dat we elkaar tegenkomen
- 22:33Speaker 2: als we in de buurt wonen komen we elkaar zomaar
- 22:35Speaker 2: tegen myrthe we zijn aan het einde gekomen van de
- 22:37Speaker 2: kleuterpodcast maar niet voordat we hebben besloten waar we het
- 22:41Speaker 2: volgende week over gaan hebben
- 22:43Speaker 2: waar gaan we het volgende week over hebben
- 22:45Speaker 1: broertjes en zusjes
- 22:47Speaker 2: oh dat is leuk broertjes en zusjes ik heb
- 22:50Speaker 1: zelfs een een
- 22:52Speaker 2: zusje hé en ik heb een broertje jij hebt
- 22:55Speaker 1: zelf een broertje en een grote broer
- 22:58Speaker 2: daar gaan we het volgende week over hebben myrthe dankjewel
- 23:01Speaker 2: weer voor de podcast alsjeblieft tot volgende week tot volgende
- 23:05Speaker 2: week