Latest / Kleuter Podcast / Bakken | Kleuterpodcast #19
Transcript
- 0:00Speaker 1: Welkom bij je nieuwe kleuterpodcast.
- 0:04Speaker 2: Ja, Meer, welkom bij een nieuwe kleuterpodcast. Waar gaan we
- 0:06Speaker 2: het vandaag over hebben? Bakken. Bakken in de zon? Nee.
- 0:10Speaker 2: Wat voor bakken dan?
- 0:10Speaker 1: Bakken. Iets maken.
- 0:12Speaker 2: O, dat we echt iets lekkers gaan maken. Ja. Heel
- 0:15Speaker 2: goed idee. Hé, maar voordat we de podcast gaan beginnen.
- 0:18Speaker 2: Hebben we iets. Ja, eigenlijk iets nieuws, hè, Myrthe. Ja.
- 0:21Speaker 2: Aan jou de eer, Myrthe, vertel, wat gaan we zo doen.
- 0:24Speaker 1: Mijn vriendin, mijn grote vriendin Hanna, die heeft het liedje ingezongen.
- 0:31Speaker 1: En welk
- 0:31Speaker 2: liedje heeft ze ingezongen?
- 0:32Speaker 1: Van de kleuterpodcast.
- 0:34Speaker 2: Ja, je hebt een hele grote vriendin, Hanna, die kan
- 0:37Speaker 2: supergoed zingen.
- 0:38Speaker 2: En we hadden al heel lang eigenlijk de wens dat
- 0:40Speaker 2: Hanna dat ging inzingen voor ons. Ja. En nou heeft
- 0:42Speaker 2: ze het ook nog eens gedaan voor ons. Ja. En
- 0:44Speaker 2: dat is echt heel cool. Hannah is zelf 13 en
- 0:48Speaker 2: die wordt een grote zangeres, denk ik. Ja. En voor
- 0:51Speaker 2: ons heeft ze alvast het nieuwe kleuterpodcast liedje ingezongen. Ja.
- 0:55Speaker 2: Zullen we er maar naar gaan luisteren?
- 1:48Speaker 2: Applausje!
- 1:52Speaker 2: Goed gedaan, Hanna. Ja. Nou, wij zijn er superblij mee.
- 1:56Speaker 2: Ik hoop dat als je zit te luisteren, dat je
- 1:57Speaker 2: het ook heel leuk vindt.
- 1:58Speaker 2: We hebben ineens een soort nieuwe kleuterpodcast. Maar nog wel
- 2:02Speaker 2: steeds met Myrthe en met haar papa. Ja. De kleuterpodcast
- 2:06Speaker 2: van vandaag, die gaat over bakken. Dus laten we daar
- 2:10Speaker 2: snel over gaan hebben. Want o, ik krijg gewoon trek daarvan. Myrthe,
- 2:15Speaker 2: Heb je zelf wel eens iets gebakken? Ja. Wat heb
- 2:17Speaker 2: je gebakken?
- 2:18Speaker 1: Vandaag net bij opa en oma een worteltjes
- 2:22Speaker 1: staart.
- 2:23Speaker 2: Een worteltjestaart. Ja. En wat zit er in een worteltjestaart?
- 2:27Speaker 2: Dan zit daar ook wortel in? Ja.
- 2:29Speaker 1: Eigenlijk alleen wortel en appel. En ook honing. Hmm. Maar
- 2:34Speaker 1: alleen die drie dingen.
- 2:36Speaker 2: En wat Wat vind je nog meer leuk om te bakken?
- 2:39Speaker 1: Heb ik. Ik heb ook een keer een paddenstoelencakejes gebakken.
- 2:43Speaker 2: O ja. O, die zijn leuk, hè? Ja.
- 2:46Speaker 2: aan de bovenkant. Ja, met witte stippen.
- 2:48Speaker 1: Ja. Dat is glazuur. En de witte stippen zijn een
- 2:56Speaker 1: soort van snoepjes. Maar dan zijn ze hard en rond
- 3:00Speaker 2: en plat. Heb je ook wel eens een een taart gebakken.
- 3:04Speaker 2: Een appeltaart of zo. Ja. Ja.
- 3:06Speaker 1: Een appelcake.
- 3:07Speaker 2: Appelcake. O ja. En wat heb je dan allemaal nodig
- 3:10Speaker 2: om te gaan bakken?
- 3:11Speaker 1: Dan hebben we appel nodig. Ja.
- 3:15Speaker 1: En volgens mij ook ook boter.
- 3:18Speaker 2: Ja, dat is vaak, hè. Met bak heb je vaak
- 3:20Speaker 2: boter nodig voor. Ja.
- 3:21Speaker 1: En dan doe je dat in de bakvorm en dan
- 3:24Speaker 1: smeer je het
- 3:25Speaker 2: uit. O ja, dat het niet gaat plakken aan de bakvorm. Ja. Handig. Ja,
- 3:29Speaker 2: heel handig.
- 3:29Speaker 1: Volgens mij ook ui, meel.
- 3:32Speaker 2: Hé, En dan. En als je dat allemaal hebt gedaan,
- 3:34Speaker 2: wat doe je er dan mee?
- 3:35Speaker 1: Dan doe je het in de oven.
- 3:37Speaker 2: Kan je dat zelf in de oven zetten? Nee. Waarom niet?
- 3:39Speaker 2: Want
- 3:40Speaker 1: het is gevaarlijk.
- 3:41Speaker 2: Wat is er zo gevaarlijk aan dan?
- 3:43Speaker 1: Uh. De oven is heel heet.
- 3:45Speaker 2: Ja, daar moet je echt mee uitkijken. De oven is
- 3:47Speaker 2: heel heet.
- 3:48Speaker 2: Ze moet je altijd even met papa en mama doen.
- 3:50Speaker 2: Of met opa of oma. Of met met iemand anders
- 3:52Speaker 2: die die bij de oven kan. Maar de oven is
- 3:54Speaker 2: echt echt echt heel heet.
- 3:56Speaker 1: Ja, dat moet je mee met de grote mens doen. Ja,
- 4:00Speaker 2: want die hebben dan overhandschoenen. En dan. Want ja, dan
- 4:04Speaker 2: kunnen ze het daarin doen. Het is zo heet, dan
- 4:06Speaker 2: moet je nooit zelf proberen te doen. Nou hebben we
- 4:08Speaker 2: het over taarten die je kan bakken en cakejes. Zijn
- 4:11Speaker 2: er nog meer dingen die je kan bakken? Ja. Wat dan? Brood. Good.
- 4:15Speaker 2: Heb jij wel
- 4:16Speaker 1: een keer met mama
- 4:17Speaker 2: gebakken. Heb je dat in de oven gebakken? Nee. Nee,
- 4:21Speaker 2: ik weet toevallig namelijk hoe je het hebt gebakken. Je
- 4:23Speaker 2: kan het wel in de oven bakken, brood. Maar wij
- 4:26Speaker 2: hebben het anders gebakken. Hoe heb je het met mama gebakken? Broodmachine.
- 4:29Speaker 2: En dat is een soort goocheltruc, hè, wat daar gebeurt.
- 4:31Speaker 2: Kun je dat uitleggen?
- 4:33Speaker 1: Ja.
- 4:34Speaker 1: Want je doet het in de broodmachine. En dan uh.
- 4:38Speaker 1: En ga je heel lang wachten. En als je dan
- 4:41Speaker 1: uh uh dan weer uh de volgende dag wakker wordt,
- 4:46Speaker 1: dan is het klaar.
- 4:47Speaker 2: Het is echt een goocheldruk. Precies wat je zegt. Ja,
- 4:50Speaker 2: je doet het de ene dag erin. En dan 's nachts.
- 4:52Speaker 2: Dan gaat hij aan de slag. Alsof er een klein
- 4:55Speaker 2: bakkertje in de broodbakmachine zit. En de volgende dag heb
- 4:58Speaker 2: je ineens vers brood. Dat is echt magisch. En vast
- 5:01Speaker 2: het lekker het brood.
- 5:02Speaker 2: Ja. Dat is heerlijk. Ik vond het heerlijk. Ja. En
- 5:05Speaker 2: dan ruikt ook het hele huis ruikt ineens lekker naar brood.
- 5:08Speaker 2: Vers gebrakken brood. Ja. Alsof wij een eigen bakker in
- 5:11Speaker 2: huis hebben. Nini Mini bakker. Een in Mini bakkertje. Ja.
- 5:16Speaker 2: Zou jij bakker willen worden, Myrthe?
- 5:18Speaker 1: Ik kan wel, maar ik weet het nog niet.
- 5:22Speaker 2: Oke, maar weet je wel wat een bakker allemaal doet? Ja,
- 5:25Speaker 1: brood bakken, broodjes bakken, grintenbollen bakken. Allemaal. En taarten bakken.
- 5:33Speaker 2: Zeker taartenbakken, ja, ja.
- 5:35Speaker 1: E cakejes
- 5:36Speaker 2: bakken. Cakejes
- 5:37Speaker 1: bakken. chocoladebroodjes bakken.
- 5:40Speaker 1: croissantjes. O, lekker koekjes.
- 5:45Speaker 2: Ja, zooveel dingen bij de bakker. O, ik krijg al
- 5:48Speaker 2: helemaal honger hiervan. Myrthe. Wat doe je me aan met
- 5:50Speaker 2: deze aflevering? Ik heb net gegeten. Maar ik kan zo
- 5:53Speaker 2: weer langs de bakker om heel veel lekkere dingetjes te
- 5:55Speaker 2: gaan kopen. Dat ga ik maar niet doen. Want anders
- 5:58Speaker 2: word ik helemaal dik. Dan pas ik niet eens meer
- 6:00Speaker 2: in deze podcast. Maar weet je wat het is met
- 6:02Speaker 2: een bakker? Nee. Een bakker. Die moet altijd heel vroeg op.
- 6:06Speaker 2: Hoe laat denk jij dat een bakker
- 6:09Speaker 2: op z'n werk moet zijn. Eh, 3 uur. Maar, dat
- 6:12Speaker 2: is wel heel vroeg. Maar ik denk wel een beetje
- 6:15Speaker 2: rond 4:00, 5:00 zoiets in de ochtend, denk ik. Weet
- 6:19Speaker 2: je waarom? Nee. Omdat de mensen, als ze wakker worden,
- 6:23Speaker 2: willen ze. Brood. Willen ze vers brood. En omdat ze
- 6:26Speaker 2: dan vers brood willen hebben. Ja, dan moet het er
- 6:28Speaker 2: wel zijn. Dan moet het daarvoor gemaakt zijn. Dus de
- 6:30Speaker 2: bakkers gaan heel vroeg op. En dan gaan ze broodjes maken,
- 6:34Speaker 2: broden maken, taarten maken. Gaan ze alles maken.
- 6:37Speaker 2: Zodat als iedereen wakker wordt, dat ze allemaal verse dingen hebben. Ja.
- 6:40Speaker 2: Kom jij graag bij de bakker? Ja. Ja, want wat
- 6:43Speaker 2: gebeurt er als wij naar de bakker gaan? Ik weet
- 6:45Speaker 2: namelijk wel waarom jij graag naar de bakker wil. Want,
- 6:47Speaker 1: dan mag ik altijd een broodje. Ja,
- 6:49Speaker 2: dan zegt ze Lust jij soms nog een broodje of
- 6:52Speaker 2: een krentenbol? Gebeurt ook wel eens.
- 6:53Speaker 1: Dan zeg ik altijd ja.
- 6:55Speaker 2: Lekker, hè? Ja. Brood van de bakker. Oh,
- 6:57Speaker 2: Het is soms wat aan het dure kan. Maar het
- 7:00Speaker 2: is wel het allerlekkerste brood, vind ik. Ja,
- 7:02Speaker 1: ik ga later, denk ik, bakken ook worden. Ja, nou,
- 7:07Speaker 1: dat kan, hoor. Kom liep het dan mij mee langs.
- 7:10Speaker 2: Zeker weten. En dan ga ik net zo lang eten
- 7:14Speaker 2: totdat ik zo dik ben dat ik niet meer in
- 7:15Speaker 2: deze podcast pas. Hee!
- 7:18Speaker 2: Weet je wat je nog meer kan bakken? Pannenkoeken. Pannenkoeken
- 7:22Speaker 2: bak je ook?
- 7:23Speaker 1: Ja. Ik kan je in de lucht gooien.
- 7:25Speaker 2: Ja, die gooi ik dan in de lucht. Zo. Ja. Ha.
- 7:29Speaker 1: Mama kan dat ook, maar. Maar ze kan niet zo
- 7:31Speaker 1: goed in de lucht
- 7:33Speaker 1: gooien. Dan gaat hij meestal ernaast.
- 7:36Speaker 2: Haha, dan is mama zelf een beetje een pannenkoek. Ja. Myrthe,
- 7:39Speaker 2: als jij jarig bent, hè, dan wil jij denk ik
- 7:42Speaker 2: ook wel een taart. Ja. Wat zou jij voor taarten willen?
- 7:46Speaker 2: Want je kan natuurlijk kiezen uit een appeltaart of een
- 7:49Speaker 2: aardbeientaart of een slagroomtaart of aardbeienlof. Waarom zeg je dat?
- 7:53Speaker 2: Een aardbeienslof? Dat weet ik gewoon van jou. Ja, dat
- 7:56Speaker 2: is mijn favoriet, hè.
- 7:57Speaker 2: aardbeienlof. Dat is mijn favoriet. Daar kan je mij bijna
- 8:00Speaker 2: 's nachts voor wakker maken. Dat vind ik zo lekker.
- 8:02Speaker 2: Maar wat vind jij heel lekker?
- 8:04Speaker 1: Taarten of cakejes waar iets op staat.
- 8:08Speaker 2: O, en wat moet er op staan dan?
- 8:10Speaker 1: Eekns, bjes en prinsessen. O,
- 8:16Speaker 2: dat is leuk.
- 8:16Speaker 1: En ik wil ook nog een kasteel erop. Maar als
- 8:20Speaker 1: dat niet past, dan doe ik niet.
- 8:22Speaker 1: En en ook nog een regenboog.
- 8:25Speaker 2: O ja, die mocht niet ontbreken natuurlijk. Nou, als jij
- 8:28Speaker 2: zit te luisteren, ben ik ook wel benieuwd wat jij
- 8:30Speaker 2: op je taart zou willen. als je alles zou mogen
- 8:32Speaker 2: wensen voor je taart.
- 8:34Speaker 2: Myrthe. Ik denk dat het tijd is voor een spelletje. Ja.
- 8:37Speaker 2: En jij hebt een heel leuk spelletje verzonnen weer. Ja.
- 8:40Speaker 2: Wat gaan we doen voor spelletje? Bij het
- 8:41Speaker 1: bakken heb je allemaal dingen nodig. En dan zeggen we
- 8:45Speaker 1: Ik ga bakken en ik heb nodig. Eigenlijk net zoals
- 8:50Speaker 1: ik ga op vakantie en ik neem mee. O, dus.
- 8:54Speaker 1: Maar dan met
- 8:54Speaker 2: bakken. O, dat vind ik heel leuk. Dus elke
- 8:57Speaker 2: er moet iemand dan iets zeggen en dan moet de
- 8:58Speaker 2: ander onthouden. Ja. Ja, net is bij je. Ik ga
- 9:01Speaker 2: op bereiz ik niet mee. Wie mag te beginnen van
- 9:02Speaker 2: ons twee dan? Ja. Oké, ik ga bakken en ik
- 9:06Speaker 2: heb nodig eieren.
- 9:08Speaker 1: Ik ga bakken en ik heb nodig eieren en een
- 9:13Speaker 2: bakvorm. Ik ga bakken en ik heb nodig eieren en bakvorm.
- 9:20Speaker 2: en een lepel. Ik
- 9:22Speaker 1: ga bakken en ik heb nodig uh eieren, een bakvorm,
- 9:29Speaker 1: een lepel en een suiker.
- 9:33Speaker 2: Ik ga bakken en ik heb nodig eieren, een bakvorm, lepel,
- 9:39Speaker 2: suiker en meel.
- 9:42Speaker 1: Ik ga bakken en ik heb nodig eieren, bakvormen.
- 9:50Speaker 1: lepel, suiker, meel.
- 9:55Speaker 1: En
- 9:56Speaker 2: boter. Ik ga bakken en ik heb nodig. Eieren, een bakvorm.
- 10:02Speaker 2: een lepel,
- 10:04Speaker 2: suiker, meel,
- 10:07Speaker 2: boter en appel.
- 10:11Speaker 1: Ik ga bakken en ik heb het nodig. Eieren.
- 10:18Speaker 1: pak voor hem.
- 10:21Speaker 1: uh lepel.
- 10:25Speaker 1: Suiker, meel, boter, appel en
- 10:34Speaker 1: plaatjes die op de taart kunnen. Ik
- 10:37Speaker 2: ga bakken en ik heb nodig eieren, een bakvorm, een lepel.
- 10:44Speaker 2: Suiker, meel.
- 10:48Speaker 2: Ik weet het niet meer. Boter. Boter. Oh ja. Oh,
- 10:52Speaker 2: ik ben af. Wel een leuk spelletje. Ja. Ja, ik
- 10:56Speaker 2: ga bakken en ik heb nodig. Leuk spelletje. En jij
- 10:58Speaker 2: hebt gewonnen, Myrthe. Ja. Goed gedaan.
- 11:02Speaker 2: OK, Myrthe, we zijn aan het einde gekomen van de kleuterpodcast.
- 11:05Speaker 2: Maar niet voordat ik heb gezegd wat ik heb geleerd natuurlijk.
- 11:07Speaker 2: Ik heb weer een hele hoop geleerd vandaag. Ik heb
- 11:10Speaker 2: geleerd dat jij heel goed kan bakken. Dat jij heel
- 11:13Speaker 2: goed dingen kan onthouden over bakken. En ik heb geleerd
- 11:16Speaker 2: wat er op jouw taart moet met je verjaardag. Ja.
- 11:19Speaker 2: Tot slot zullen we nog eventjes de brievenbus doorlezen, Myrthe.
- 11:23Speaker 2: Wat we allemaal
- 11:24Speaker 2: hebben gekregen in de brievenbus van de kleuterpodcast. Ik heb
- 11:27Speaker 2: een mailtje binnengekregen van Fien Dieke Hofhuis Maria Lieke.
- 11:32Speaker 1: Zo, dat is een lange naam?
- 11:34Speaker 2: Ja, dat is een hele lange naam. Er staat bij
- 11:35Speaker 2: die laatste twee namen heb ik zelf verzonnen. En Fien
- 11:39Speaker 2: is 4 jaar. Ze schrijft Ik luister iedere week naar
- 11:42Speaker 2: de podcast. Ik vind ze allemaal leuk en de nieuwe
- 11:45Speaker 2: het allerleukste. Nou, dat was natuurlijk degene van de
- 11:49Speaker 2: Dinosaurussen. um Dan heb ik nog een uh berichtje binnengekregen
- 11:54Speaker 2: van Novi en Novi die schrijft Hoi Myrthe en haar papa,
- 11:58Speaker 2: wij vinden de kleuterpodcast superleuk en we hebben een idee
- 12:01Speaker 2: om het over bakkers te hebben. Ik wil graag bakker worden. Groetjes, Novi,
- 12:06Speaker 2: bijna zes jaar. Nou, Novi, je hebt net een podcast
- 12:09Speaker 2: gehad over bakken, dus ik hoop dat daar ook iets
- 12:12Speaker 2: tussen zit over de bakker, want de bakker vinden wij
- 12:14Speaker 2: ook superleuk en superlekker.
- 12:16Speaker 2: En
- 12:17Speaker 1: misschien ga ik ook wel een bakker worden.
- 12:19Speaker 2: Nou, dan zou je misschien samen met Novi Bakker kunnen worden. Ja. Ja.
- 12:24Speaker 2: um Want Novi stuurde dit berichtje vlak voordat de podcast
- 12:28Speaker 2: uitkwam over boeken. Dus ze had nog niet gehoord dat
- 12:31Speaker 2: er ook eentje over bakken kwam. Dus nou hebben we
- 12:32Speaker 2: er ook eentje over de over bakken en dus over
- 12:35Speaker 2: de bakker ook. Dan kreeg ik nog een berichtje van Ravi.
- 12:39Speaker 2: En Ravi schrijft Hoi, Myrthe en haar papa. Misschien is
- 12:42Speaker 2: het leuk om over honden en katten te hebben.
- 12:45Speaker 2: Wij vinden de podcast erg leuk. Groetjes, Ravi de zaak
- 12:48Speaker 2: is 4 jaar.
- 12:51Speaker 2: Dat is zeker een leuke. Wij hadden ook al een
- 12:53Speaker 2: verzoekje over huisdieren toch
- 12:54Speaker 1: Myrthe? Ja, en daar gaan we misschien ook iets over
- 12:57Speaker 1: honden en katten
- 12:58Speaker 2: hebben. Ja. Dus dat is een goed idee van Ravi.
- 13:01Speaker 2: Dank je wel voor je tip. Dan kreeg ik nog
- 13:03Speaker 2: een berichtje binnen van Max. Max stuurt Hoi Myrthe. Ik
- 13:06Speaker 2: moest vandaag naar de gym. Ik heb van mijn moeder
- 13:08Speaker 2: een Lego Dino gekregen. Ik heb geluisterd naar de dinosauruspodcast.
- 13:12Speaker 2: En ik vond dat jullie naar de dinosaurussen gingen met
- 13:15Speaker 2: de tijdmachine heel erg leuk. Ik wil ook wel een tijdmachine. Groetjes, Max.
- 13:21Speaker 2: Nou, zullen wij dan maar de tijdmachine eventjes naar Max toesturen? Ja.
- 13:25Speaker 2: De tijdmachine doe je ogen dicht. En dan verzin je
- 13:28Speaker 2: zelf dat je ook in een tijdmachine zit. Ja. Dan
- 13:31Speaker 2: kreeg ik nog een berichtje binnen van Joas. En Joas
- 13:35Speaker 2: stuurt Hallo Myrthe en naar papa. Ik heb alle podcasts
- 13:38Speaker 2: al geluisterd en ik en mijn mama vonden het heel
- 13:41Speaker 2: erg leuk. Ik zou ook wel graag een podcast willen
- 13:43Speaker 2: horen over verjaardagen.
- 13:46Speaker 1: Nou, die stond sowieso al op het lijstje. Maar maar
- 13:50Speaker 1: die gaan we nog wel maken.
- 13:52Speaker 2: Ja, die stond al op het lijstje. Die gaan we
- 13:53Speaker 2: nog wel maken. En. Maar dat duurt nog wel even. Ja,
- 13:56Speaker 2: want wanneer gaan we die maken, denk je, Myrthe? In juli.
- 13:59Speaker 2: Waarom in juli dan?
- 14:00Speaker 1: Dan. Omdat dan ben ik bijna een
- 14:03Speaker 2: jaar. Ja. Dus dan is het wel zo leuk om
- 14:05Speaker 2: het al rond jouw verjaardag te doen. Gaan we het
- 14:06Speaker 2: hebben over verjaardagen. Dus hij komt eraan. Joas, dank je
- 14:09Speaker 2: wel voor de tip. En als laatste kreeg ik nog
- 14:12Speaker 2: een berichtje binnen van Nina en Freya.
- 14:15Speaker 2: 2 super zusjes. Hoi, geweldige Myrthe. Wij willen iets vragen.
- 14:20Speaker 2: Kun jij misschien een bloemenpodcast en of een knutselpodcast maken?
- 14:24Speaker 2: Wij houden zo erg van bloemen en knutselen en we
- 14:27Speaker 2: denken dat jij dat misschien ook wel leuk vindt. En
- 14:30Speaker 2: wat kan je een goed podcast maken? Die van de
- 14:32Speaker 2: boeken vonden wij echt heel erg leuk. Groetjes van Nina
- 14:36Speaker 2: en Freya. Nou, dat is heel leuk. Hou jij een
- 14:39Speaker 2: beetje van bloemen, Myrthe? Ja. En hou je van knutselen? Ja,
- 14:43Speaker 1: dat is mijn hobby.
- 14:44Speaker 2: Dat komt goed uit, dan schrijven we die ook op
- 14:47Speaker 2: het lijstje erbij. Ja. Dank jullie wel voor je berichtjes.
- 14:51Speaker 2: Dan zijn we echt aan het einde gekomen van de podcast.
- 14:53Speaker 2: De vernieuwde podcast, want we hebben dus een nieuw liedje
- 14:56Speaker 2: van Hanna, die heeft dit ingezongen. Hanna is 13 jaar
- 14:59Speaker 2: en een hele goede vriendin van Myrthe.
- 15:01Speaker 2: Ja. En Myrthe volgende week. Dan is er iets geks.
- 15:04Speaker 2: Ik begreep dat ik volgende week de podcast met mijn
- 15:07Speaker 2: ooren dicht moest doen. Toch? Ja. En waarom dan? Ik
- 15:10Speaker 2: kan het niet vertellen. Kun je dat niet vertellen.
- 15:13Speaker 1: Doe maar nu je oren ook effe dicht. Papa.
- 15:17Speaker 2: Nu mijn ooren dicht. Ja. En. En wat ga jij
- 15:20Speaker 1: vertellen dan? Waar de podcast over gaat volgende keer.
- 15:23Speaker 2: En dan moet ik mijn ooren dicht doen.
- 15:24Speaker 2: Ik snap er niks van. Nou, ik doe mijn oren
- 15:26Speaker 2: even dicht. Vertel jij maar waar het over gaat dan.
- 15:29Speaker 2: Volgende
- 15:29Speaker 1: keer gaat de podcast over Vaderdag.
- 15:32Speaker 2: Dudududududu. Mag ik mijn oren alweer opendoen, My? Ja.
- 15:36Speaker 2: Myrthe. Mag ik mijn oren alweer opendoen? Ja. Ik hoor
- 15:39Speaker 2: je niet. Ik heb mijn oren dicht. Maar. Ja. Oh. Nou,
- 15:42Speaker 2: ik snap er helemaal niks van. Maar um ik zou
- 15:45Speaker 2: zeggen tot de volgende podcast. Tot
- 15:47Speaker 1: de volgende keer. Doe.