Latest / Kleuter Podcast / SNEEUW | Kleuterpodcast #47
Transcript
- 0:00Speaker 1: Welkom bij een nieuwe kleuterpodcast. Ja, Myrthe, welkom bij een
- 0:05Speaker 1: nieuwe kleuterpodcast. En allereerst de beste wensen voor het nieuwe jaar. Ja,
- 0:10Speaker 1: gelukkig nieuwjaar. Myrthe. Waar gaan we het vandaag over hebben?
- 0:15Speaker 1: Over de sneeuw.
- 1:10Speaker 1: Myrthe. Ja. Er is zoiets geks. Ik heb een zwarte auto.
- 1:13Speaker 1: Ik keek net naar buiten. En nou heb ik ineens
- 1:16Speaker 1: een witte auto. Dat komt omdat het heeft gesneeuwd. O,
- 1:19Speaker 1: is dat het? Als je denkt Waarom doen wij nog
- 1:23Speaker 1: een aflevering over de sneeuw, omdat het sneeuwt. Ja, want
- 1:28Speaker 1: het sneeuwt inderdaad. Ja, en toen dachten wij Nou, misschien
- 1:31Speaker 1: is het wel leuk als we nog een
- 1:32Speaker 1: aflevering over de sneeuw maken. Ja, want het sneeuwt zo
- 1:37Speaker 1: ontzettend veel de laatste dagen. Ja, dan moeten we het
- 1:40Speaker 1: wel over de sneeuw hebben. Ja. Want, um Myrthe, wat
- 1:43Speaker 1: heb jij allemaal gedaan deze dagen in de sneeuw? Sneeuwballengevecht
- 1:47Speaker 1: van de heuvel gesleet. Eh, sneeuwschui schuiven in in de sneeuws.
- 1:54Speaker 1: Sneeuwengel maken. Ja.
- 1:56Speaker 1: En uh zoveel. Ik weet het allemaal bijna niet meer.
- 2:00Speaker 1: En ik had ook nog een sneeuwpop gemaakt. O, wacht even.
- 2:04Speaker 1: Volgens mij heb jij niet een sneeuwpop gemaakt. Nee, 2.
- 2:07Speaker 1: Heb je twee sneeuwpoppen gemaakt? Nee, 3. O, ik wil
- 2:10Speaker 1: dat zeggen. Volgens mij. 4. Ik wil het net zeggen.
- 2:13Speaker 1: Volgens mij heb je er wel 4 gemaakt. Je hebt
- 2:15Speaker 1: er ontzettend veel gemaakt. Ja. Jij zei net we gingen sleeën.
- 2:19Speaker 1: Maar we gingen niet gewoon sleeën.
- 2:21Speaker 1: Nee, want we gingen van de heuvel af. Heel hard. Ja, superhard.
- 2:25Speaker 1: En zelfs ook een keer van de heuvel af met
- 2:27Speaker 1: je zusje. Ja. Durf je dat wel? Ja. En ik
- 2:30Speaker 1: ging ook een keer van de hoogste stuk van de berg.
- 2:33Speaker 1: En dat ging heel zachtjes. Nee, supersnel. Zo echt zo zoef.
- 2:39Speaker 1: Maar ik heb ook iets jou zien doen. Jij bent
- 2:41Speaker 1: ook een keer van de heuvel af gegaan. En dat
- 2:43Speaker 1: was niet lopend van de heuvel af. En dat was
- 2:45Speaker 1: ook niet met de slee. Nee, dat was zo grappig.
- 2:50Speaker 1: Wat ging je doen dan? Ik ging heel hard rollen,
- 2:53Speaker 1: maar dan wel van de Hoestenberg. En toen ging ik
- 2:55Speaker 1: heel snel rollen.
- 2:59Speaker 1: alleen maar roll, roll, roll, roll, roll, rollen. Ja, mijn
- 3:04Speaker 1: neefje deed dat ook eerst. En toen dacht ik Nou,
- 3:07Speaker 1: ik ga meerollen. En toen ging je echt heel snel.
- 3:10Speaker 1: En was je niet helemaal duizelig dan toen je beneden kwam? Nee,
- 3:14Speaker 1: maar de laatste keer toen ik op de heu heuvel
- 3:18Speaker 1: van afging. Toen ging ik loopend. En toen viel ik.
- 3:23Speaker 1: vaak. En het lekkere is als je valt in de sneeuw,
- 3:26Speaker 1: dan vrouw je vaak niet zo hard. Nee, dat is
- 3:28Speaker 1: wel lekker. Hee, en die sneeuwengels, hoe moet je die maken?
- 3:33Speaker 1: Gewoon op de grond liggen en je armen en benen
- 3:37Speaker 1: tegelijk strekken en dan weer indoen. Strekken en dan weer in.
- 3:41Speaker 1: Maar dat doe je tegelijk anders. Anders doe je armen
- 3:44Speaker 1: wijd en dan je benen wijd. Ja. Armen wijd en
- 3:47Speaker 1: dan benen in.
- 3:49Speaker 1: En zijn er nog dingen waar je op moet letten
- 3:51Speaker 1: met sneeuw? Ja. Waarom dan? Bij het sneeuwballengevecht mag je
- 3:55Speaker 1: niet in iemands ogen gooien. O ja, dat vind ik
- 3:58Speaker 1: het hele goede. In gezicht. Ja. Maar weet je waar
- 4:01Speaker 1: je ook voor op moet letten? Ja, je moet ook
- 4:03Speaker 1: vragen of iemand het mee wil doen.
- 4:06Speaker 1: Ja, dat is allemaal bij een sneeuwballengevecht heel belangrijk. Maar
- 4:09Speaker 1: in de sneeuw moet je ook altijd een beetje opletten
- 4:11Speaker 1: dat het niet te glad is. O ja, anders ga
- 4:13Speaker 1: je echt uit. En dan doet het wel zeer. Ja,
- 4:16Speaker 1: dat doet meestal wel pijn. Ja, want want dan is
- 4:18Speaker 1: het heel keihard. En dan. En dan breekt het niet.
- 4:24Speaker 1: Dan gaat het niet naar beneden als je erop valt.
- 4:27Speaker 1: Dus dat moet je wel dan heel erg op letten. Ja, nee,
- 4:32Speaker 1: heb je goed gezegd in de
- 4:33Speaker 1: En kan jij ook een beetje fietsen deze dagen met
- 4:37Speaker 1: de sneeuw? Nee. Nee, dat gaat niet, hè? Nee, dat
- 4:41Speaker 1: is echt veel te glad. Dat is echt veel te glad. Ja,
- 4:44Speaker 1: dan heb je veel 100000 miljoen procent dat je uitglijdt. Ja.
- 4:52Speaker 1: Met een fiets is het inderdaad niet zo handig om
- 4:54Speaker 1: om te gaan fietsen. Heb je echt 100.000 miljoen procent. Ja,
- 4:58Speaker 1: dus dan kan je. Dus dan kan je beter op
- 5:01Speaker 1: de slee gaan.
- 5:02Speaker 1: En als jij op school bent, kun je dan op school.
- 5:06Speaker 1: mag je dan ook een beetje buiten spelen met de sneeuw? Ja,
- 5:09Speaker 1: maar we hebben vakken waar we dingen. Wel vakken waar
- 5:15Speaker 1: we dingen
- 5:16Speaker 1: mogen moeten doen. Want anders wordt het door elkaar en
- 5:20Speaker 1: dan gaat het niet zo goed. O, en wat mag
- 5:22Speaker 1: je dan in die vakken doen? Dat vind ik eigenlijk
- 5:23Speaker 1: wel slim. Wat mag je dan in die vakken doen? Nee.
- 5:25Speaker 1: Bij het voetbal bij het begin waar je altijd naar
- 5:28Speaker 1: buiten loopt. Daar mag je sneeuwballengevecht doen. Oke. En aan
- 5:33Speaker 1: de andere kant van het hek. Daar mag je sneeuwpoppen maken. Ah.
- 5:38Speaker 1: En als jij dus uh bij aan het sneeuwpoppen maken bent.
- 5:42Speaker 1: dan kan het dus niet zo zijn dat jij een
- 5:44Speaker 1: sneeuwbal in je gezicht krijgt? Nee. Nee. Maar als jij
- 5:47Speaker 1: over het voetbal wel loopt, dan kan dat wel wel,
- 5:49Speaker 1: weer wel. Ja. Ik snap hem helemaal. Ik snap hem helemaal.
- 5:53Speaker 1: En nou heb jij ook nog een geheim wapen, Myrthe? Ja.
- 5:58Speaker 1: Jij hebt iets waarmee een sneeuwballengevecht met jou eigenlijk oneerlijk is.
- 6:03Speaker 1: O ja, een sneeuwballenmaker. Jij hebt een sneeuwballenmaker. Moet je
- 6:09Speaker 1: even vertellen hoe die werkt? Ja, je doet hem dus openklappen.
- 6:13Speaker 1: Dus dan doe je doe je 'm in de sneeuw
- 6:15Speaker 1: en dan doe je hem terug. En dan doe je
- 6:18Speaker 1: twee keer dubbel doen. En dan doe je hem open
- 6:21Speaker 1: en kijken of die gelukt is. En als
- 6:23Speaker 1: je nog een gaatje zit. doe je nog een beetje
- 6:26Speaker 1: sneeuw erin en dan doe je weer hetzelfde. En dan
- 6:28Speaker 1: krijg je echt een perfecte sneeuwbal. Ja. Zelfs met iets erop, he? Ja,
- 6:33Speaker 1: een sneeuwvlok. Met een sneeuwvlok erop. Ja. Echt. En dan
- 6:38Speaker 1: ben ik zo bang voor de sneeuwballen die jij naar
- 6:40Speaker 1: me toe gooit. want dat zijn de beste sneeuwballen die
- 6:42Speaker 1: je maakt. Dat je niet wil dat ze stuk gaan.
- 6:44Speaker 1: Dat ik niet wil dat ik ze op m'n hoofd krijg.
- 6:49Speaker 1: En daarover gesproken, Myrthe. Ik denk dat het tijd is
- 6:54Speaker 1: voor een spelletje. Ja.
- 6:56Speaker 1: En um het spelletje van vandaag. Daarvoor moeten wij wel
- 7:00Speaker 1: naar buiten. Ja. Want wat voor spelletje gaan we doen? Sneeuwballengevecht.
- 7:05Speaker 1: Ik zou zeggen Doe je jas aan, doe je wanten aan.
- 7:08Speaker 1: Doe je schoenen aan en je muts op. Wij gaan
- 7:11Speaker 1: naar buiten voor een sneeuwballengevecht. OK, let's go. Oke, Mta.
- 7:18Speaker 1: Ik kijk om me heen. En welke kleur zie ik? Wit.
- 7:22Speaker 1: Alles is wit. Oke. En jij hebt je wanden aan.
- 7:27Speaker 1: Wat zijn de spelregels?
- 7:29Speaker 1: Je mag een niet iemand van dichtbij een sneeuwbal gooien,
- 7:35Speaker 1: omdat dan raak je hem heel snel.
- 7:39Speaker 1: En dat is niet eerlijk. Dus dat mag niet. Je
- 7:43Speaker 1: gaat gewoon een sneeuwbal maken en ik heb een sneeuwbalen maken.
- 7:46Speaker 1: Dus daar kan ik het mee doen. Oké, maar. En
- 7:48Speaker 1: je mag het niet op je gezicht gooien.
- 7:51Speaker 1: Je moet wel zeker weten dat iemand mee moet doen. Ja,
- 7:56Speaker 1: dat er iemand mee wil doen. Dat is het belangrijk
- 7:57Speaker 1: om te weten. Dat je niet zomaar iemand een sneeuwbal
- 8:00Speaker 1: voor z'n gezicht gooit. die je helemaal niet mee wilt doen. Ja.
- 8:03Speaker 1: O ja, maar je mocht niet in iemands gezicht gooien. Nee. Oke, Myrthe.
- 8:07Speaker 1: Ben je er klaar voor? Ja. 1, 2, 3. O joh.
- 8:22Speaker 1: he. Nee, niet zo groot, he. Niet zo'n groot, he. Hee! Hee, jongen.
- 8:32Speaker 1: Je mag niet van heel dichtbij gooien. O, o. Wacht,
- 8:36Speaker 1: dan doe ik een paar stappen naar achter. Wat!
- 8:42Speaker 1: Dat vind ik een veel te grote sneeuwbal.
- 8:46Speaker 1: Die deur geen O joh!
- 8:50Speaker 1: Nee
- 8:52Speaker 1: ja
- 8:55Speaker 1: Mis. Je kan het toch niet gooien. Ik gooi jou
- 8:59Speaker 1: lekker op de grond.
- 9:03Speaker 1: Nee.
- 9:04Speaker 1: Nee, nee, nee. Genade! Genade, genade. Ik ga jou op
- 9:11Speaker 1: de gong. Uh Myrthe. Ik heb een idee.
- 9:18Speaker 1: Zullen wij gewoon alle sneeuwballen op mama gaan gooien? Ja. Oke.
- 9:22Speaker 1: 1, 2.
- 9:24Speaker 1: Hee!
- 9:26Speaker 1: een
- 9:31Speaker 1: is
- 9:34Speaker 1: Zo. Oké, nou.
- 9:38Speaker 1: Ik denk Uh Myrthe dat we op zoek moeten gaan
- 9:41Speaker 1: of er onder de sneeuw nog ergens uh een beetje
- 9:45Speaker 1: post ligt.
- 9:48Speaker 1: Denk je dat de postbode komt met dit weer? Ehm.
- 9:53Speaker 1: Ja. We gaan op zoek naar de winterpost. Ja.
- 9:57Speaker 1: Waar is de post? Waar is de post? Waar is
- 10:02Speaker 1: de post? Nou, meer geloof het of niet, maar ook
- 10:05Speaker 1: met deze sneeuw heeft de postbode ons huis weten te vinden.
- 10:10Speaker 1: We hebben heel veel post binnengekregen. Ook nog heel veel
- 10:13Speaker 1: natuurlijk rond de kerstperiode. Want we hebben even twee weken
- 10:16Speaker 1: vakantie gehad. Maar ik krijg bijvoorbeeld een berichtje.
- 10:20Speaker 1: van Eline en Kate. En die zijn samen met Marijn
- 10:25Speaker 1: drie zusjes. En ze hebben zelf kerstbomen opgezet. En ze
- 10:30Speaker 1: hebben ook een eigen kerstbal uitgekozen in de winkel. En
- 10:34Speaker 1: Eline koos dit jaar voor een rode strikbal en Kate
- 10:38Speaker 1: voor eentje met een blauwe blauwe dinosaurus. Jij hebt ook
- 10:41Speaker 1: een eigen kerstbal uitgekozen, he. Ja. Welke kerstbal had jij uitgekozen?
- 10:45Speaker 1: Ik heb een rolschaats gekozen. Een rolschaatsen. En waarom heb
- 10:48Speaker 1: jij een rolschaats uitgekozen? Ik hou heel erg van rolschaatsen. Ja.
- 10:52Speaker 1: Dus jij had een rolschaats uitgekozen. Ja. Dan kreeg ik
- 10:56Speaker 1: nog een berichtje van Floris. Floris is 5,5 jaar oud
- 11:00Speaker 1: en woont in Leidschendam en laat
- 11:02Speaker 1: luistert heel graag naar de podcast, samen met zijn vader
- 11:05Speaker 1: als hij naar school wordt gebracht. En later als hij
- 11:08Speaker 1: groot is, dan wil hij straaljagerpiloot worden. Wow, Weet je
- 11:13Speaker 1: wat dat is? Nee. Een straaljager is een vliegtuig dat
- 11:17Speaker 1: zo supersnel kan. Juist, inderdaad. Die kan zo ontzettend hard vliegen.
- 11:24Speaker 1: Dat is echt uh. Ja, dat gaat echt heel, heel
- 11:27Speaker 1: over de kop. Die gaat ook over de kop. Ja.
- 11:30Speaker 1: Die gaat zo ontzettend hard. Weet je hoe hard hij
- 11:33Speaker 1: zelfs gaat? Hij kan zelfs sneller dan het geluid.
- 11:36Speaker 1: Dat is snel, hè?
- 11:38Speaker 1: Dat is echt heel snel. Ik krijg een berichtje van
- 11:40Speaker 1: Mona en Cecile. En zij luisteren heel graag naar de podcast.
- 11:43Speaker 1: En ze komen uit Antwerpen, maar zij gaan graag op
- 11:47Speaker 1: vakantie naar Nederland. En Cecile, weet je wat zij heel
- 11:49Speaker 1: mooi vindt aan Nederland? Nee. Alle molendraaiers. Weet je wat
- 11:54Speaker 1: dat zijn? Nee. Cecile noemt de windmolens molendraaiers. Nou, dat
- 11:59Speaker 1: is toch een leuk woord. Molendraaiers. Vind je niet? Dat
- 12:02Speaker 1: zijn eigenlijk de wieken. Ja, inderdaad.
- 12:06Speaker 1: um Even kijken hoor. Dan kreeg ik nog een berichtje
- 12:10Speaker 1: van Els en Els is 5 jaar en luistert graag
- 12:14Speaker 1: naar de podcast en vooral die van prinsen en prinsessen.
- 12:17Speaker 1: Maar ze houdt ook heel erg van eenhoorns, net als jij.
- 12:21Speaker 1: En ze wil ook graag veel weten over vroeger in
- 12:25Speaker 1: de tijd dat mensen op dieren jaagden en in grotten woonden.
- 12:29Speaker 1: Nou, dat is wel heel, heel vroeg, he? Ja. Dank
- 12:32Speaker 1: je wel voor je berichtje, Els. Leuk dat je lijst.
- 12:35Speaker 1: Dan kreeg ik nog een berichtje van Ollie. En Ollie
- 12:37Speaker 1: is 4 jaar en vindt de kleuterpodcast echt heel erg leuk.
- 12:41Speaker 1: En hij wil meer weten over gereedschap.
- 12:44Speaker 1: Myrthe, weet jij veel van gereedschap? Nee, niet echt. Hm.
- 12:48Speaker 1: Wie zou dat wel weten? Jij. Hoezo zou ik dat weten?
- 12:52Speaker 1: Je hebt een hele gereedschap koffers koffer voor en je
- 12:57Speaker 1: hebt er zelfs meer dan een.
- 12:59Speaker 1: Nou, dan zal ik eens eventjes nadenken of we daar
- 13:01Speaker 1: iets over kunnen aanvertellen. Ja. En um daar kregen we
- 13:05Speaker 1: ook nog twee hele mooie tekeningen binnen. Myrthe. Die tekeningen
- 13:09Speaker 1: kregen we van Lois en um Lois. Die wilde zelf
- 13:15Speaker 1: 4 smiley kiezen omdat ze 4 is en heeft tekeningen
- 13:18Speaker 1: gemaakt voor ons en vraagt of we ook een podcast
- 13:21Speaker 1: kunnen maken over verschillende kleuren. Nou moeten we ook maar
- 13:24Speaker 1: eens over nadenken.
- 13:26Speaker 1: al al al een berichtje over gekregen dat ze dat
- 13:31Speaker 1: ze dat wilden. Ja, maar dan moeten we maar eens
- 13:34Speaker 1: over lievelingskleuren gaan hebben of zo. Ja. Ik zet hem erop.
- 13:38Speaker 1: um Wil jij ook een berichtje sturen? Dat kan, hè?
- 13:41Speaker 1: Via onze Instagram, en dat is @kleutjepodcast.
- 13:45Speaker 1: Of via de website en dat is kleuterpodcast.nl. Myrthe, we
- 13:49Speaker 1: zijn aan het einde gekomen van de kleuterpodcast. Volgende keer Myrthe,
- 13:53Speaker 1: waar gaan we het volgende keer over hebben? Over het ziekenhuis.
- 13:56Speaker 1: Over het ziekenhuis. Waarom gaan we het even over het ziekenhuis?
- 13:59Speaker 1: Omdat mijn vriendin ligt in het ziekenhuis. Ja, jouw goede
- 14:03Speaker 1: vriendin ligt in het ziekenhuis. En dus die gaan we
- 14:05Speaker 1: dan speciaal voor haar maken. Ja. Nou, vind ik heel
- 14:08Speaker 1: lief van je dat je dat doet. Ja.
- 14:10Speaker 1: Echt heel lief. Volgende keer dus over het ziekenhuis. Myrthe,
- 14:15Speaker 1: ik zou zeggen tot de volgende keer. Tot de volgende keer. Doei. Doe.