Latest / Kleuter Podcast / ZIEKENHUIS | Kleuterpodcast #48
Transcript
- 0:00Speaker 1: Welkom bij je nieuwe kleuterpodcast.
- 0:04Speaker 2: Ja, Myrthe, welkom bij een nieuwe kleuterpodcast vandaag. Waar gaan
- 0:06Speaker 2: we het over hebben, Myrthe? Over
- 0:08Speaker 1: het ziekenhuis.
- 1:01Speaker 2: Oke, Myrthe, vandaag gaan we het hebben over het ziekenhuis. Vertel,
- 1:04Speaker 2: waarom wil je het hebben over het ziekenhuis?
- 1:06Speaker 1: Omdat mijn vriendin eh lag in het ziekenhuis.
- 1:12Speaker 2: Ja, je goede vriendin. Eigenlijk eh. Nou, misschien wel een
- 1:15Speaker 2: van je beste vriendinnen. Ja. Die lag in het ziekenhuis
- 1:18Speaker 2: en ook best wel lang, hè. Ja. Ja, al sinds
- 1:21Speaker 2: de kerst, denk ik. Ja. En maar gelukkig is ze
- 1:25Speaker 2: er net uit. Ja. En heb je veel contact gehad
- 1:29Speaker 2: met je met je vriendin? Niet echt veel. Nee, want
- 1:31Speaker 2: dat is lastig, hè.
- 1:33Speaker 2: Ja. Wat, wat kun je nog meer vertellen over haar?
- 1:36Speaker 2: Over dat ze in het ziekenhuis was?
- 1:38Speaker 1: Dat ik het jammer vond dat dat zij weg, dat
- 1:43Speaker 1: zij niet meer thuis was. En dan ging ik een
- 1:45Speaker 1: tekening voor haar maken.
- 1:47Speaker 2: Ja, je had een hele mooie tekening gemaakt. En niet
- 1:49Speaker 2: alleen een tekening. Je had nog iets voor haar gemaakt, toch?
- 1:51Speaker 1: Een armbandje? Ja,
- 1:53Speaker 2: dat is sowieso heel erg leuk. Als als iemand natuurlijk
- 1:55Speaker 2: in het ziekenhuis ligt. Ja. Om dan iets te maken
- 1:59Speaker 2: voor diegene als die in het ziekenhuis is. Ja. Ja.
- 2:01Speaker 2: En volgens mij was jij ook wel een klein beetje geschrokken, he?
- 2:04Speaker 1: Ja. Omdat ik wist niet zo goed wat ik moest zeggen.
- 2:08Speaker 1: En ik, eh.
- 2:10Speaker 1: Ja, ik vond het eigenlijk spannend omdat ze nu ineens
- 2:14Speaker 1: ergens anders is.
- 2:16Speaker 2: Ja, dat snap ik wel. En we hebben ook. En
- 2:17Speaker 1: daar blijft heel lang liggen. En dat vind ik eigenlijk
- 2:21Speaker 1: best wel spannend. Ja, dat
- 2:22Speaker 2: snap, maar dat snap ik heel goed. Want als je
- 2:25Speaker 2: iets spannend vindt. of als er een een iets is
- 2:29Speaker 2: waarvan je niet weet wat er gaat gebeuren.
- 2:32Speaker 2: dan is dat soms heel moeilijk om daarop te reageren. Ja.
- 2:35Speaker 2: En om te denken van Oké, wat kan ik nog
- 2:37Speaker 2: zeggen om te zorgen dat je iets liefs zegt. of
- 2:40Speaker 2: dat je iets leuks zegt of. Ja. Ja. Want je
- 2:43Speaker 2: had ook gefacetimed, hè? Dus dat je ging videobellen.
- 2:46Speaker 1: Ja. Ja. En daar wist ik eigenlijk niet zo goed
- 2:48Speaker 1: wat ik moest zeggen, want ik vond het best spannend. Ja.
- 2:51Speaker 1: Dat ze echt ergens heel heel ergens anders.
- 2:55Speaker 1: eh was. En daar moest je ook slapen. Dus dat
- 2:58Speaker 1: vond ik best moeilijk, wat ik dan moest zeggen.
- 3:01Speaker 2: Ja, dat snap ik heel goed. Ik vind dat je
- 3:03Speaker 2: dat heel mooi verwoord. En vond je het dan spannend
- 3:06Speaker 2: dat ze ergens anders was. Of vond je het dan
- 3:09Speaker 2: ook spannend dat ze er heel anders uitzag dan normaal?
- 3:11Speaker 2: Want normaal rent ze natuurlijk rond in de kleren. En
- 3:15Speaker 2: nu ineens zag je er in bed liggen. Dus ik
- 3:17Speaker 2: kan me voorstellen dat je misschien dat heel spannend vond.
- 3:20Speaker 1: Ik vind het allebei wel.
- 3:22Speaker 2: Ja. Nou, dat snap ik wel.
- 3:24Speaker 2: Maar gelukkig weten we nu wel. Ze is inmiddels uit
- 3:27Speaker 2: het ziekenhuis. Ja. En het gaat weer een stuk beter, he?
- 3:30Speaker 1: Ja. Maar eh, volgens mij kan ze al rechtop zitten,
- 3:34Speaker 1: maar dat weet ik nog niet. Ja, ze kan
- 3:36Speaker 2: wel rechtop zitten, maar nog niet lopen volgens mij. Nee.
- 3:40Speaker 2: Dus dat duurt allemaal nog eventjes.
- 3:41Speaker 1: Ja, dan moet je nog haar tillen.
- 3:43Speaker 2: Ja, ze is in ieder geval weer thuis, dus dat
- 3:45Speaker 2: is fijn, toch? Ja,
- 3:46Speaker 1: kan ze weer een beetje met haar zusjes spelen. Ja.
- 3:50Speaker 2: En misschien kan jij binnenkort ook weer een keertje op
- 3:52Speaker 2: bezoek komen.
- 3:53Speaker 1: Ja, dat vind ik nog nog wel spannend. Want dan
- 3:56Speaker 1: kan ze niet lopen en dan kan ik niet echt spelen.
- 4:00Speaker 2: Nee, dat snap ik. Maar soms kan je ook gewoon
- 4:02Speaker 2: praten met vriendinnen. Ik denk dat ze dat ook wel
- 4:04Speaker 2: heel leuk vindt, toch? Ja. Of misschien zelfs samen een
- 4:08Speaker 2: filmpje kijken. Want als je ziek bent, dan mag je
- 4:09Speaker 2: vaak net wat vaker een filmpje kijken. Ah,
- 4:13Speaker 2: Ben jij zelf wel eens in het ziekenhuis geweest?
- 4:14Speaker 1: Ja. In de zomervakantie. Want toen had ik heel heet
- 4:18Speaker 1: water over me heen gekregen.
- 4:20Speaker 2: Ja, dat is inderdaad gebeurd een keertje. Dat wij zeggen
- 4:24Speaker 2: altijd Kijk uit met heet water. En toen was er
- 4:27Speaker 2: toch een ongeluk gebeurd. En toen had jij heet water
- 4:29Speaker 2: over je heen gekregen.
- 4:30Speaker 1: Ja. En toen had ik een brandwond. Ja. Toen moest
- 4:32Speaker 1: ik naar het brandwonden centrum.
- 4:36Speaker 2: Ja, dat weet jij heel goed te vertellen. Toen moest
- 4:38Speaker 2: je naar het brandwondencentrum.
- 4:40Speaker 2: En nou, daar waren de mensen. Waren ze heel lief,
- 4:44Speaker 2: of waren ze dat niet? Jawel. Ja, want wat mocht
- 4:46Speaker 2: jij allemaal doen dan daar?
- 4:47Speaker 1: Ik mocht een plaatje op m'n brandwond. Dat was eigenlijk
- 4:51Speaker 1: een soort pleister. Maar dan was die heel erg groot.
- 4:53Speaker 1: En dan mocht je kiezen van wat. Dan mocht je
- 4:57Speaker 1: zeggen van wat je houdt. En daar mag. En dan
- 5:00Speaker 1: gingen ze die sticker opzoeken. Toen gingen ze
- 5:03Speaker 1: op die vleis plakken. En dan gingen ze op je
- 5:08Speaker 1: brandon plakken. Ja. En ik kreeg in de ambulance kreeg
- 5:11Speaker 1: ik nog een beer.
- 5:13Speaker 2: Je kreeg ook nog een beer. En je kreeg inderdaad
- 5:16Speaker 2: een hele mooie pleister. Dus dat was eigenlijk was dat
- 5:19Speaker 2: heel fijn, toch? Ja.
- 5:20Speaker 1: Ja. En ik had ook nog een dokter Hans. Zo'n
- 5:25Speaker 1: ding wat je met de popcast
- 5:27Speaker 1: spelen.
- 5:29Speaker 2: Dat had ik daar handpop inderdaad van een dokter. Die
- 5:30Speaker 2: heb je ook nog gekregen. Ja. Ja. Je werd overladen
- 5:33Speaker 2: met cadeautjes.
- 5:34Speaker 1: Ja, maar dat is nog best wel lang geleden. Want
- 5:37Speaker 1: toen was ik nog 3.
- 5:39Speaker 2: Ja. Dus dat is best wel een tijdje geleden. En gelukkig,
- 5:42Speaker 2: we kunnen wel zeggen. Het is allemaal goed gekomen. Want
- 5:44Speaker 2: je zie je er nog wat van je brandwond? Nou,
- 5:47Speaker 2: niet echt. Nee, je ziet er gelukkig helemaal niks meer van.
- 5:50Speaker 2: Maar vond je het spannend om naar het ziekenhuis te
- 5:52Speaker 1: gaan? Ja, wel echt uh. Want dat deed ook best
- 5:55Speaker 1: veel pijn.
- 5:56Speaker 2: Ja, want meestal kom je niet in het ziekenhuis voor
- 5:59Speaker 2: hele leuke dingen. Maar dan proberen ze je wel te helpen.
- 6:03Speaker 2: en dan proberen ze het zo leuk mogelijk te maken
- 6:05Speaker 2: voor je. Toch? Ja.
- 6:06Speaker 2: Want we zijn ook nog een andere keer in het
- 6:08Speaker 2: ziekenhuis geweest.
- 6:09Speaker 1: O ja, ik ben pas nog voor mijn been geweest,
- 6:11Speaker 1: want die heeft echt pijn. Ja.
- 6:13Speaker 2: En toen moesten we naar het ziekenhuis. Toen moesten we
- 6:16Speaker 2: daar eventjes wachten in de wachtkamer. Ja. Wat is de wachtkamer?
- 6:19Speaker 2: Weet je dat? Daar
- 6:20Speaker 1: staan heel veel stoelen.
- 6:22Speaker 1: wachten totdat je aan de beurt bent. Ja.
- 6:27Speaker 2: En dan komt de dokter. En die zegt dan Myrthe,
- 6:30Speaker 2: kom maar mee. En dan mochten we meekomen. Ja.
- 6:32Speaker 1: Maar bij ons was het supergroot.
- 6:34Speaker 2: Ja, was heel groot. Ja. Een heel groot ziekenhuis.
- 6:37Speaker 1: Ja. Toen gingen we ook naar naar een andere verdieping.
- 6:44Speaker 1: En daar gingen we bloed meten.
- 6:48Speaker 2: Ja, en gingen ze bloed prikken.
- 6:50Speaker 2: En dan kwam de bloed uit. Deed dat pijn? Eh,
- 6:53Speaker 1: toen ze aan het begin, toen ze met dat ding
- 6:57Speaker 1: zo ploeg een gaatje gingen maken waar ze het bloed
- 7:00Speaker 1: zou kunnen doen. Toen deed het wel pijn. Ja,
- 7:03Speaker 2: dus even het prikje doet even pijn. Maar daarna daarna
- 7:06Speaker 2: viel het wel mee. Ja. Ja. Ja, dat snap ik wel.
- 7:09Speaker 2: Het is nooit fijn als je geprikt wordt. Ja.
- 7:13Speaker 2: Jij bent nog een keer in het ziekenhuis geweest. Eigenlijk
- 7:15Speaker 2: zelfs nog twee keer. Denk maar goed na. Wanneer ben
- 7:18Speaker 2: jij in het ziekenhuis geweest? Het was niet voor jou.
- 7:22Speaker 2: Maar wel voor iemand anders die hier thuis is. O,
- 7:24Speaker 2: voor mijn
- 7:25Speaker 1: zusje.
- 7:26Speaker 2: O, Waarom ging je dan voor je zusje naar het ziekenhuis?
- 7:28Speaker 2: Omdat
- 7:29Speaker 1: ze was geboren.
- 7:30Speaker 2: Ja. Dus dan kom je eigenlijk wel voor iets leuks
- 7:33Speaker 2: in het ziekenhuis. Want dan ga je ineens kennis maken
- 7:35Speaker 2: met je nieuwe zusje.
- 7:36Speaker 1: Ja, maar ik mag het. Ik mocht de naam als
- 7:38Speaker 1: eerst weten. Zeker
- 7:40Speaker 2: weten. Daar ben je groote zus voor.
- 7:41Speaker 2: Ja. Dus toen ging jij naar het ziekenhuis toe. En
- 7:44Speaker 2: toen mocht jij ook als allereerste bij je zusje kijken. Ja.
- 7:48Speaker 2: Hoe zag het eruit bij het ziekenhuis?
- 7:50Speaker 1: Er lag een bed. Er stond een bedje voor m'n zusje,
- 7:54Speaker 1: waar mijn zusje in lag. En mama? Mama, die lag
- 7:57Speaker 1: in zo'n
- 7:57Speaker 2: groot bed. Die lag in een groot bed. Ja. En
- 8:00Speaker 2: was er nog iets met mama verder? Ja. Wat was
- 8:02Speaker 1: dat? Ze zat een draadje zo aan de arm.
- 8:06Speaker 2: Ja, ze zat allemaal draadjes. Weet je nog wat wat
- 8:08Speaker 2: die draadjes deden?
- 8:10Speaker 2: Nee. Nou, vaak zijn dat die draadjes, dat noem je
- 8:13Speaker 2: een infuus.
- 8:15Speaker 2: En vaak doen ze daar iets wat ze dan in
- 8:18Speaker 2: je lichaam kunnen doen. Dus dat kan zijn vocht of bloed,
- 8:22Speaker 2: dat je extra bloed nodig hebt. Kan van alles zijn.
- 8:25Speaker 2: Of medicijnen. Ze kunnen daar van alles in.
- 8:28Speaker 1: Ha. Moesten ze bij mama haar bloed doen?
- 8:32Speaker 2: Nee, bij mama deden ze um vocht.
- 8:35Speaker 1: Waarom
- 8:36Speaker 2: vocht? Ehm. Ja, dat is een goede vraag. Moeten we
- 8:38Speaker 2: even aan mama vragen. Ik weet wel toen jij werd geboren,
- 8:41Speaker 2: toen moest er bij mama wel bloed bij. Ja,
- 8:44Speaker 1: want toen zat ik helemaal onder de bloed.
- 8:46Speaker 2: Ja, jij zat onder bloed. Maar mama had ook heel
- 8:48Speaker 2: veel bloed verloren. Dus toen moest er extra bloed bijkomen.
- 8:51Speaker 2: En heel veel bloed maakt je lichaam zelf aan. Maar
- 8:53Speaker 2: soms heb je zoveel bloed verloren. Dan kan je lichaam
- 8:56Speaker 2: dat niet zo snel zelf aanmaken. En dan doen ze
- 8:58Speaker 2: wat extra bloed bij je.
- 9:00Speaker 2: Hé, en ik moet ineens denken aan dat je nog
- 9:02Speaker 2: een keer naar het ziekenhuis bent geweest. Ook niet voor jezelf.
- 9:04Speaker 2: Dat is niet sowieso lang geleden.
- 9:06Speaker 1: Voor oma Marie? Ja,
- 9:07Speaker 2: oma Marie, die was gevallen. En die moest ook naar
- 9:10Speaker 2: het ziekenhuis toe. Ja. En toen gingen we daar ook
- 9:12Speaker 2: op bezoek. Gingen we af en toe even op bezoek
- 9:14Speaker 2: natuurlijk bij oma. En ik weet nog wel iets heel
- 9:17Speaker 2: leuks toen oma Marie in het ziekenhuis lag. O ja.
- 9:20Speaker 1: Weet jij dat ook nog, man? Ja. Toen hadden we
- 9:22Speaker 1: een ijsje.
- 9:23Speaker 2: Ja. Toen zei oma Marie Ze verkopen beneden ijsjes.
- 9:27Speaker 2: Ik trakteer wel op een ijsje. Als jullie er ook
- 9:29Speaker 2: eentje voor mij meenemen. Nou hebben we dat gedaan? Ja. Ja,
- 9:32Speaker 2: zijn we gelijk ijsjes gaan halen. Ja, maar
- 9:34Speaker 1: het was buiten zelfs
- 9:35Speaker 2: koud. Ja. Maar het was heerlijk om daar een ijsje
- 9:38Speaker 2: te
- 9:38Speaker 1: nemen. Ja, want het was best lekker. Was lekker soft.
- 9:43Speaker 2: Wie werken er in het ziekenhuis?
- 9:45Speaker 1: Dokters en zusters. En
- 9:48Speaker 2: ver-. Verpleegsters. Verpleegster is heel goed. En dan heb je
- 9:52Speaker 2: ook nog. Dat is een heel moeilijk woord. See. Weet
- 9:56Speaker 2: je hoe dat heet? Nee. Een chirurg. Heb je daar
- 9:59Speaker 2: wel eens van gehoord? Nee. Wat is dat? Een chirurg.
- 10:02Speaker 2: Dat is eigenlijk een dokter die je lichaam open kan
- 10:05Speaker 2: maken en dicht kan maken. Dus als er echt iets
- 10:08Speaker 2: binnen in je lichaam niet goed is.
- 10:11Speaker 2: dan heeft die dokter heel lang geleerd. om te zorgen
- 10:14Speaker 2: dat hij jouw buik open kan maken. jou beter kan
- 10:17Speaker 2: maken en dan je buik weer dicht kan maken.
- 10:19Speaker 1: O ja, dus die kan dan de baby uit de
- 10:22Speaker 1: buik
- 10:22Speaker 2: halen? Bijvoorbeeld als ze als de als de baby met
- 10:26Speaker 2: een keizersnee geboren wordt. dan kan een chirurg je buik openmaken. Ja.
- 10:30Speaker 2: Maar het kan bijvoorbeeld ook zijn dat je je been
- 10:33Speaker 2: verkeerd gebroken hebt. en dat er iets in je been
- 10:36Speaker 2: gezet moet worden.
- 10:37Speaker 2: Dan kan ook een chirurg kan dan je been openmaken.
- 10:41Speaker 2: Je hebben daar helemaal voor geleerd. Ja. Dus dat mag
- 10:43Speaker 2: je nooit zelf doen. Maar zij hebben er heel lang
- 10:45Speaker 2: voor geleerd. Knap, hè? Ja. En sowieso vind ik altijd
- 10:49Speaker 2: alle verpleegsters en doktoren in een ziekenhuis altijd superlief. Vind
- 10:53Speaker 2: je dat ook niet? Ja.
- 10:55Speaker 2: En weet jij toen jij net geboren was, toen zaten
- 10:58Speaker 2: we in het ziekenhuis. En weet je wat je toen
- 11:00Speaker 2: met alle zusters hebt gedaan? Ja. Wat dan? Een spelletje gespeeld.
- 11:04Speaker 2: Dat is echt waar, hè. We hebben de foto. Jij
- 11:07Speaker 2: hebt de foto gezien. Ja. Dus daardoor weet je het nog.
- 11:09Speaker 2: Maar jij was nog geen dag oud. En toen zaten
- 11:12Speaker 2: alle verpleegsters een spelletje te doen en jij mocht meedoen.
- 11:16Speaker 2: Ja, maar die foto, die zullen we eventjes op de
- 11:18Speaker 2: Instagram zetten. Ja. Dat je met alle zusters een spelletje
- 11:21Speaker 2: aan het spelen.
- 11:22Speaker 1: Ja, want dit is
- 11:23Speaker 2: echt leuk. Ja. En die is te vinden op de Instagram,
- 11:26Speaker 2: en dat is
- 11:26Speaker 1: @kleurtjepodcast.nl.
- 11:28Speaker 2: Over spelletjes gesproken, Myrthe. Ik denk dat het tijd is
- 11:32Speaker 2: voor een spelletje. Ja.
- 11:34Speaker 2: Het spelletje van vandaag gaat over het ziekenhuis en de dokter.
- 11:39Speaker 2: Ik ga allemaal dingen vertellen en de vraag is Moet
- 11:42Speaker 2: je daarvoor naar de dokter of niet? Ben er klaar voor? Ja.
- 11:47Speaker 2: Ik heb honger en wil een boterham. Moet ik daarvoor
- 11:50Speaker 2: naar de dokter of niet? Nee, ik heb een snotneus
- 11:54Speaker 2: en voel me superziek. Moet ik daarvoor naar de dokter? Nee. Ja,
- 11:58Speaker 2: dat ligt er een beetje aan, hè? Als je echt
- 12:00Speaker 2: echt heel erg ziek bent, dan mag je altijd de
- 12:03Speaker 2: dokter daarvoor bellen.
- 12:04Speaker 1: Ja, maar ik denk dat dat gewoon een verkoud tijd is.
- 12:08Speaker 2: Dat zou heel goed kunnen. Mijn arm doet pijn en
- 12:11Speaker 2: ik kan mijn arm helemaal niet meer bewegen.
- 12:13Speaker 2: Ja. Ja, dan moet je zeker naar de dokter. Ja. Ja.
- 12:17Speaker 2: Ik wil gezellig spelen. Nee. Ik heb heel hard mijn
- 12:21Speaker 2: hoofd gestoten en ik kan me niet meer bewegen. Ja.
- 12:24Speaker 2: Ik heb een heel klein schrammetje op mijn knie.
- 12:26Speaker 1: Nee. Dat kan je gewoon. Daar kan je gewoon een
- 12:29Speaker 1: pleister op doen. Ik
- 12:30Speaker 2: ben heel moe en ik wil gewoon gaan slapen. Nee. Nee,
- 12:35Speaker 2: ik wil naar de zwemles.
- 12:37Speaker 2: Nee. Ik wil een nieuw speelgoed koopen. Nee. Moet je
- 12:42Speaker 2: daar niet voor naar de dokter? Nee. Ha ha. A u.
- 12:46Speaker 2: Ik moet niesen. Nee, nee. Mijn goeie vriendin ligt in
- 12:51Speaker 2: het ziekenhuis. Mag wel. Dan mag je wel naar het
- 12:54Speaker 2: ziekenhuis toe. Zeker weten. Ja,
- 12:57Speaker 1: want dan mag je even op bezoek.
- 12:59Speaker 2: Dan mag je even op bezoek. Inderdaad. Myrthe. Jij weet
- 13:02Speaker 2: precies wanneer je naar de dokter of naar het ziekenhuis moet.
- 13:04Speaker 2: Jij bent daarvoor helemaal geslacht.
- 13:08Speaker 1: Waar is de post? Waar is de post? Waar is
- 13:14Speaker 1: de post?
- 13:15Speaker 2: Hier is de post. Hier is de post. Hier is
- 13:20Speaker 2: de post Myrthe. Ik heb weer superveel post binnengekregen. En
- 13:25Speaker 2: we hebben er weer een paar uitgekozen om te bespreken.
- 13:29Speaker 2: De eerste is van Abel. Hoi Myrthe en papa Hans,
- 13:33Speaker 2: ik ben Abel en ben 5 jaar. Ik luister altijd
- 13:36Speaker 2: naar de kleuterpodcast in de auto. Ik vind de aflevering
- 13:38Speaker 2: over Lego het leukst, omdat ik zelf ook veel met
- 13:41Speaker 2: Lego speel. Voor Kerst heb ik het Lego Gevangenisiland gekregen.
- 13:46Speaker 2: Zouden jullie een keer een aflevering over de politie, brandweer
- 13:49Speaker 2: en ambulance kunnen maken? Zelf wil ik namelijk graag politieagent worden.
- 13:53Speaker 2: En daarvoor moet je naar de politieschool. Papa zou een
- 13:57Speaker 2: aflevering over de bouw ook leuk vinden, want papa bouwt bruggen.
- 14:01Speaker 2: Groetjes van Abel uit Amersfoort. Hee, een papa die een
- 14:05Speaker 2: bruggenbouwer is. Dat is wel handig. Ja. Ja.
- 14:09Speaker 2: En de politieschool. Wist je dat, dat je als je
- 14:11Speaker 2: politieagent wil zijn dat je naar de politieschool moet? He?
- 14:14Speaker 2: Kunnen wij eens vragen aan iemand die wij kennen die
- 14:16Speaker 2: bij de politie werkt. Jij en mijn tante. Ja. Dus
- 14:19Speaker 2: daar moeten we echt een keertje een podcast over gaan maken,
- 14:22Speaker 2: denk ik, Myrthe. Over de politie. Moeten we maar eens
- 14:24Speaker 2: eventjes je tante gaan vragen om aan te schuiven. Ja.
- 14:27Speaker 2: um Even kijken hoor. Dan kreeg ik nog een berichtje
- 14:30Speaker 2: binnen van Yente. Hallo Myrthe en papa, wij zijn Jente,
- 14:34Speaker 2: 4 jaar, en papa Enos. en luisteren heel vaak naar
- 14:37Speaker 2: jullie podcast.
- 14:39Speaker 2: Mijn hobby's zijn dansen, knutselen en spelen. Mijn lievelingsaflevering is
- 14:42Speaker 2: die over superhelden. Die luister ik super vaak. Willen jullie
- 14:46Speaker 2: een aflevering maken over de apen. Ik zit namelijk in
- 14:50Speaker 2: de apenklas. Groetjes, Jente. Ja, we hebben het net over
- 14:54Speaker 2: een politieschool. En nou hebben we het ineens over een apenklas. Myrthe.
- 14:57Speaker 2: Wat is een apenklas. Ik denk dat haar klas niet
- 15:00Speaker 2: een heet, zooals die van jou heet. Maar dat die
- 15:04Speaker 2: klas de apenklas heet. aap.
- 15:08Speaker 2: 12 aap. Ja, dat zou ook kunnen. En wat is
- 15:11Speaker 2: 12B dan? Dat is 12B. 12 beer.
- 15:16Speaker 2: Ja, maar wel een heel leuk idee, Jente. En ik
- 15:19Speaker 2: kan je wel alvast een klein tipje geven. Als je
- 15:22Speaker 2: eventjes zoekt naar de aflevering over de dierentuin. Daar hebben
- 15:25Speaker 2: we het gehad over de apen. Ja. Want daar gebeurde
- 15:28Speaker 2: iets toen wij op zoek waren naar de apen. Och, Myrthe,
- 15:31Speaker 2: je kon bijna naar ziekenhuis doen.
- 15:35Speaker 2: Dat hoeft niet. Dat hoeft niet, Nee. Maar ik zou
- 15:37Speaker 2: hem zeker eventjes luisteren. Dank je wel voor
- 15:39Speaker 1: je berichtje. Daar viel ik bijna over een steen. Nou,
- 15:42Speaker 1: daar viel ik over een
- 15:43Speaker 2: steen. Ja, een heel klein steentje. Nee, en juist een
- 15:46Speaker 2: hele grote. O, dat was het. Een hele grote. Dan
- 15:50Speaker 2: kreeg ik nog een berichtje van Hugo. Hallo Myrthe en Hans.
- 15:53Speaker 2: Ik luister elke week naar jouw podcast. Ik vind het
- 15:55Speaker 2: hartstikke leuk om naar jullie te luisteren. Want Myrthe, jij
- 15:59Speaker 2: kan leuke grapjes maken.
- 16:01Speaker 2: Mijn afle- Mijn leukste aflevering ging over de dierentuin, want
- 16:05Speaker 2: het ging over de koele dieren. Hey, hoor je dat, Jente?
- 16:08Speaker 2: We hadden net jouw berichtje over de apen. En Hugo
- 16:11Speaker 2: heeft al naar de dierentuin geluisterd.
- 16:13Speaker 2: En. Ik ben aan het leren met lezen, zegt Hugo.
- 16:17Speaker 2: Mijn lievelingsboek is Ridder zonder bilen. Wat is jouw lievelingsboek?
- 16:23Speaker 2: En ik denk ook van heel veel kindjes die zouden
- 16:26Speaker 2: dan graag een podcast willen horen over boeken. Nou, Myrthe,
- 16:29Speaker 2: hebben wij een podcast gemaakt over boeken? Ja.
- 16:31Speaker 2: En daar vertelde vertelden wij ook iets over de Ridder
- 16:35Speaker 2: zonder Billen, maar dan eigenlijk een ander. Ja. Het Prinsesje.
- 16:39Speaker 2: Zonder stank. Die komt uit diezelfde reeks. Zijn superleuke
- 16:42Speaker 1: boeken. Want de vader is de Ridder zonder
- 16:45Speaker 2: Pillen. Juist inderdaad.
- 16:47Speaker 2: Dus die is ook een aanrader. Maar de podcast over boeken,
- 16:51Speaker 2: die staat dus ook al online. Maar dank je wel, Hugo,
- 16:53Speaker 2: voor het leuke berichtje. Dan nog een berichtje van Saar.
- 16:57Speaker 2: Hoi Myrthe en papa, ik ben 5 jaar, ik heet Saar.
- 17:00Speaker 2: Mag ik een podcast over gevoelens? Ik
- 17:03Speaker 2: vindt alle afleveringen heel leuk. Groetjes, Saar. Hebben we nog
- 17:07Speaker 2: niet gedaan, hè, gevoelens? Nee. Nee. Nou, moeten we ook
- 17:10Speaker 2: maar even op het lijstje schrijven. Ja.
- 17:12Speaker 1: Maar we hebben wel over je lichaam. Maar nog niet
- 17:15Speaker 1: over gevoelens.
- 17:16Speaker 2: Nog niet over gevoelens. Ik schrijf hem erbij. En dan
- 17:19Speaker 2: kreeg ik nog een berichtje. Hoi, lieve Myrthe en papa
- 17:22Speaker 2: van Myrthe. Wij zijn Jille, 5 jaar, en Benja, 2
- 17:26Speaker 2: jaar uit Amsterdam. En wij luisteren veel naar jouw podcast.
- 17:30Speaker 2: Vooral als we in de auto zitten naar opa en oma.
- 17:33Speaker 2: Wij vinden jouw podcast allebei heel leuk omdat jullie allemaal
- 17:36Speaker 2: dingen vertellen en uitleggen en vaak ook grapjes maken. Nou
- 17:40Speaker 2: komt het weer het grapjes maken, maken wij zoveel grapjes, Myrthe.
- 17:44Speaker 1: Ja, wel
- 17:45Speaker 2: waar. O, wij zouden ook graag een keer een podcast
- 17:47Speaker 2: willen over de politie. omdat we willen weten wat de
- 17:50Speaker 2: politie allemaal doet. Heel veel groetjes van Jille en Benja. Nou,
- 17:54Speaker 2: dank je wel voor jullie berichtje. Heel leuk berichtje. En
- 17:57Speaker 2: wederom de politie. Ik schrijf hem erop en we-. Ik
- 18:00Speaker 2: beloof dat wij de tante van Myrt even gaan vragen
- 18:03Speaker 2: over de politie. Toch? Ja. Of
- 18:05Speaker 1: voor erbij halen. Of haar erbij halen. Maar dat is
- 18:07Speaker 1: wel het leukste als we erbij halen.
- 18:10Speaker 2: Ja, we gaan het in ieder geval vragen.
- 18:12Speaker 2: En tot slot Myrthe kreeg ik nog een berichtje. Hoi,
- 18:15Speaker 2: Myrthe en papa, we vinden jullie podcast geweldig en luisteren
- 18:18Speaker 2: eigenlijk elke avond naar. Joshua wil nooit iets anders luisteren,
- 18:22Speaker 2: alleen nog maar deze. We leren er veel van en
- 18:24Speaker 2: vinden het ook nog eens heel erg leuk. Ik zou
- 18:26Speaker 2: het leuk vinden als er een podcast komt over de
- 18:28Speaker 2: kapper en voor mijn zusje nagels knippen en lakken. Groetjes
- 18:33Speaker 2: van Joshua. Nou, dank jullie wel voor je berichtje. Myrthe.
- 18:37Speaker 2: Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de kleuterpodcast.
- 18:40Speaker 2: Als je een berichtje wil achterlaten, dan kan dat via
- 18:43Speaker 2: kleuterpodcast.nl of via onze Instagram. En dat is
- 18:46Speaker 1: het kleuterpodcast.
- 18:49Speaker 2: En volgende keer Myrthe, Waar gaan we het over hebben?
- 18:52Speaker 1: Over de
- 18:53Speaker 2: kapper. Nou, Joshua, je hebt het gehoord. We hebben hem gelijk.
- 18:58Speaker 2: We gaan hem gelijk maken. We gaan het hebben over
- 18:59Speaker 2: de kapper. um
- 19:01Speaker 2: Ik zal mijn schaar erbij pakken, Myrthe.
- 19:04Speaker 1: Hang nog niet van deze aflevering. maar pas voor de
- 19:08Speaker 1: volgende aflevering.
- 19:10Speaker 2: Gaan we helemaal doen. Myrthe, ik zou zeggen tot de
- 19:13Speaker 2: volgende keer. Tot de volgende
- 19:14Speaker 1: keer.
- 19:16Speaker 2: Doeg.