Latest / Kleuter Podcast / Engeland Special | Kleuterpodcast #28
Transcript
- 0:00Speaker 1: Hello. Welkom bij een nieuwe kleuterpodcast.
- 0:04Speaker 2: Yes, M. En vandaag gaan we op vakantie naar Engeland.
- 1:00Speaker 2: Ja, welkom bij een nieuwe kleuterpodcast over Engeland. En Myrthe,
- 1:05Speaker 2: jij weet nog hoe ze daar hallo zeggen. Ja. Hallo.
- 1:08Speaker 2: Heel goed. Hallo, inderdaad. En in Engeland spreken ze Engels.
- 1:12Speaker 1: Ik weet hoe je een ja en nee
- 1:14Speaker 2: zegt. O, hoe zeg je dat dan?
- 1:16Speaker 1: Yes,
- 1:17Speaker 2: no. Yes and no. Inderdaad. En van wat gaan we
- 1:20Speaker 2: verder verder doen vandaag in de podcast, Myrthe? Uh
- 1:24Speaker 1: leren tellen.
- 1:25Speaker 2: Leren tellen in het Engels inderdaad. En we gaan natuurlijk
- 1:27Speaker 2: ook een leuk
- 1:28Speaker 2: spelletje doen. Ja. Myrthe, ben je wel eens in Engeland
- 1:31Speaker 1: geweest? Ja, 2 keer. En
- 1:33Speaker 2: wat um weet je nog van Engeland?
- 1:36Speaker 1: Eh dat we naar een Peppa Big-voorstelling
- 1:38Speaker 2: gingen. Ja, we zijn daar naar het theater geweest, inderdaad.
- 1:41Speaker 2: Het was een voorstelling van Peppa Big, inderdaad. Wat weet
- 1:44Speaker 2: je nog meer? We
- 1:44Speaker 1: gingen in het dubbel Dekker. We gingen in het dubbeldekker
- 1:48Speaker 1: oefenen aan vooraan.
- 1:50Speaker 2: Ja, jij zat helemaal vooraan bovenaan. Een dubbelbedekte bus is
- 1:53Speaker 2: eigenlijk een bus met twee verdiepingen. Ja. Ja, ik
- 1:56Speaker 1: zat bovenaan. Daar kon ik het beste zien. Ja, dan
- 1:59Speaker 1: kon
- 1:59Speaker 2: je heel mooi alles zien. Waren we in Londen. Want
- 2:01Speaker 2: dat is gelijk de hoofdstad van Engeland. Dat is de
- 2:04Speaker 2: belangrijkste stad, de grootste stad.
- 2:06Speaker 2: En daar is heel veel te zien. Want wij zaten
- 2:08Speaker 2: inderdaad daar in de dubbeldekker bus. Ja. En dan konden
- 2:12Speaker 2: we heel veel dingetjes zien.
- 2:13Speaker 1: Ja, ik zat helemaal vooraan met mama. Maar jij, jij
- 2:16Speaker 1: zat volgens mij onderaan.
- 2:18Speaker 2: Ik zat ietsjes naar achter, ja. In Londen heb je
- 2:20Speaker 2: ook een paleis zitten. Want in Londen, daar woont de koning.
- 2:26Speaker 2: Engeland heeft ook een koningshuis, net als Nederland. Dus die
- 2:28Speaker 2: heeft ook een koning.
- 2:29Speaker 2: En um.
- 2:31Speaker 1: En wij hebben wel eens gisteren de koning
- 2:33Speaker 2: gezien. Nou, toevallig inderdaad. Dat kunnen we eventjes tussendoor zeggen.
- 2:37Speaker 2: Wij moesten gisteren stoppen voor de politie. Ja. En toen
- 2:40Speaker 2: moesten we heel lang wachten. En toen dachten we Wat
- 2:41Speaker 2: is dit? En wat gebeurde er toen? De koning. Ja.
- 2:44Speaker 2: En toen kwam de koning langs rijden. Ja. Ja. En
- 2:46Speaker 2: toen zagen we ineens een hele mooie auto. En hij
- 2:49Speaker 2: stond op AA01. En daar zat de koning in. Ha. Ja, oké. Nou,
- 2:53Speaker 2: dat is even tussendoor. Maar dat was niet de Engelse koning.
- 2:55Speaker 2: Dat was de Nederlandse koning. Myrthe. Wat voor weer denk
- 2:57Speaker 2: je dat het is in Engeland?
- 3:00Speaker 1: Dat weet ik
- 3:01Speaker 2: niet. In Engeland is het is het niet zo heel
- 3:03Speaker 2: vaak lekker weer. Nee. Engeland staat ook wel een beetje
- 3:06Speaker 2: bekend voor regen. Ja. Ja, veel regen. Maar is Engeland
- 3:10Speaker 2: dichtbij of ver weg, denk je? Ver weg. Ja, Engeland
- 3:13Speaker 2: is ver weg. En Engeland. Hoe kan je naar Engeland komen,
- 3:17Speaker 2: denk je?
- 3:18Speaker 2: Vliegtuig. Is het vliegtuig? Heel
- 3:20Speaker 1: goed. Eigenlijk net als de vorige podcast.
- 3:23Speaker 2: Ja, maar Engeland, daar is wel iets speciaals mee. Huh?
- 3:26Speaker 2: Want Engeland ligt aan de andere kant van het water.
- 3:30Speaker 2: Dus je kan niet rijden met de auto daarheen. Dus
- 3:32Speaker 2: er zijn een paar manieren hoe je daar kan komen.
- 3:34Speaker 2: Zal ik je vertellen hoe je daar kan komen? Ja.
- 3:36Speaker 2: Je kan daar met het vliegtuig heen. Je kan er
- 3:38Speaker 2: met de boot heen. Ja. En je kan ook nog
- 3:42Speaker 2: eens
- 3:43Speaker 2: met de trein. Want er is een tunnel gegraven onder
- 3:46Speaker 2: de zee door naar Engeland toe. Dus dan kan je
- 3:48Speaker 2: je auto in de trein zetten. En dan kan je
- 3:50Speaker 2: met de trein onder de zee door naar Engeland toe. O,
- 3:55Speaker 2: dat is cool, hè? Ja.
- 3:57Speaker 1: Zie je dat allemaal
- 3:58Speaker 2: zeedieren? Nee, je ziet helemaal niks. Het is gewoon helemaal pikdonker.
- 4:01Speaker 2: Dus je kan niet naar buiten kijken. en weet je,
- 4:04Speaker 2: er is nog iets raars met Engeland. Hè?
- 4:08Speaker 2: Ze rijden daar namelijk aan de andere kant van de weg.
- 4:11Speaker 2: Wat betekent dat? Ja, dat is een beetje moeilijk. Maar
- 4:14Speaker 2: als wij gaan fietsen, dan zeg ik toch altijd aan
- 4:16Speaker 2: de kant blijven aan de kant waar je fietsbel niet zit. Ja.
- 4:19Speaker 2: Dus jij moet aan de rechterkant blijven fietsen. Maar in Engeland,
- 4:23Speaker 2: als jij in Engeland gaat fietsen. dan moet je ineens
- 4:25Speaker 2: aan de linkerkant gaan fietsen. Want daar rijden ze allemaal
- 4:28Speaker 2: aan de andere kant van de weg. Dat is gek, hè?
- 4:32Speaker 2: Weet je wat uh wat ze graag eten in Engel Engeland? Uh, Nee.
- 4:36Speaker 2: In Engeland eten ze graag een Engels ontbijt. Een Engels
- 4:40Speaker 2: ontbijt is met ei en worst. O ja. En bonen.
- 4:44Speaker 1: Ja, dan moet je. Dan moet je je eigen dingen maken. Ja.
- 4:49Speaker 2: En in Engeland eten ze ook graag fish and chips.
- 4:52Speaker 2: Weet je wat dat is? Nee. Dat is uh gebakken
- 4:55Speaker 2: vis met patatjes. Ah, lekker. Ja, dat klinkt wel lekker.
- 4:59Speaker 2: En ze drinken graag thee, maar niet gewoon thee thee
- 5:03Speaker 2: met melk. O. Hoe
- 5:04Speaker 1: weet jij dat allemaal?
- 5:06Speaker 2: Ja, omdat ik te vaak ben geweest. O haha. En
- 5:09Speaker 2: je niet zo vaak? Nee. Maar nou weet je het ook. Ja. Myrthe.
- 5:12Speaker 2: Ik denk dat het tijd is om te gaan tellen
- 5:15Speaker 2: in het Engels. Ik
- 5:16Speaker 1: denk het ook. Ik ben een beetje vergeten, maar ik
- 5:19Speaker 1: wist het eerst.
- 5:20Speaker 2: Ik ga het je vertellen, want dan kan je meedoen. Oké,
- 5:23Speaker 2: luister goed mee. Ga je eerst goed luisteren en dan
- 5:25Speaker 2: kan je het daarna samen doen. O ja. OK. 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10.
- 5:36Speaker 2: Heel goed. Oké, 1 is 1. 1.
- 5:41Speaker 2: 2 is 2.
- 5:44Speaker 2: 3 is.
- 5:47Speaker 2: 4 is
- 5:51Speaker 1: 4.
- 5:52Speaker 2: 5 is. 5.
- 5:56Speaker 2: Heel goed. 6 is. Heel goed. 7 is 7.
- 6:06Speaker 2: 8 is eet. Eet.
- 6:10Speaker 2: 9 is.
- 6:13Speaker 2: En 10 is 10. Heel goed. Dus dan hebben we even.
- 6:18Speaker 2: Gaan we even tot 3 tellen. 1, 2, 3, 1, 2, 3. 1, 2, 3.
- 6:28Speaker 2: 1, 2, 3. En nou tot 5, 1, 2, 3, 4, 5, 1, 2, 3, 4, 5.
- 6:41Speaker 2: Heel goed.
- 6:42Speaker 2: En nou tot 10. 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10.
- 6:56Speaker 2: Heel goed. Nou, als je dus zit te luisteren, kan
- 6:59Speaker 2: je nu ook tellen in het Engels.
- 7:02Speaker 2: Myrthe. Ik denk dat het tijd is voor een spelletje. Oké,
- 7:07Speaker 2: ik heb allemaal zinnen die ik je ga voorleggen. En
- 7:10Speaker 2: jij mag antwoorden met yes or no. Want in het
- 7:14Speaker 2: Engels is ja. Yes. En no is Nee. Heel goed. Oké, Myrthe.
- 7:21Speaker 2: In Engeland zeggen mensen Hello.
- 7:25Speaker 2: Yes. In Engeland rijden dubbeldekkerbussen. Yes. In Engeland is het
- 7:32Speaker 2: altijd mooi weer.
- 7:35Speaker 2: No. In Engeland rijden ze aan de andere kant van
- 7:39Speaker 2: de weg.
- 7:40Speaker 2: Yes. In Engeland
- 7:44Speaker 2: drinken ze veel thee met melk.
- 7:47Speaker 2: Yes. In Engeland praten ze Frans.
- 7:52Speaker 2: No. In Engeland hebben ze een koning.
- 7:57Speaker 1: Yes. In elk
- 7:58Speaker 2: land. Nee, niet elk land heeft een koning. Hè? Nee,
- 8:01Speaker 2: Frankrijk heeft geen koning. En Duitsland heeft ook geen koning. Huh? Hm.
- 8:07Speaker 2: Uhm. Even kijken hoor. En um. Je kan met de
- 8:10Speaker 2: auto rijdend naar Engeland.
- 8:14Speaker 2: No. No. Nee, dat gaat niet. Dan moet je met
- 8:17Speaker 2: de boot, de trein of met het vliegtuig.
- 8:20Speaker 2: Myrthe. Weet je hoe ze dag zeggen in het Engels? Nee.
- 8:23Speaker 2: In het Engels zeggen ze dan Goodbye. O ja,
- 8:26Speaker 1: Goodbye. Dat was ik weer vergeten.
- 8:29Speaker 2: Myrthe. We zijn aan het uiteinde gekomen van de podcast
- 8:31Speaker 2: over Engeland. um Dit is de vakantie special. Er staan
- 8:36Speaker 2: nog meer vakantielanden staan er op Spotify. Dus kijk vooral
- 8:40Speaker 2: leuk of je nog een ander land ziet. En mocht
- 8:43Speaker 2: je op vakantie gaan naar Engeland, heel veel plezier.
- 8:46Speaker 2: En dan zeggen wij Vergeet niet om je te abonneren
- 8:49Speaker 2: en in te