Latest / De kinderpodcast / DAAR ZIJN WE (WEER) DE KINDERPODCAST
Transcript
- 0:00Speaker 1: Welkom bij je nieuwe kinderpodcast. Ja,
- 0:06Speaker 2: leuk dat je luistert naar de kinderpodcast. Ik zou zeggen
- 0:09Speaker 2: we zijn er weer. Ja, we zijn er weer.
- 0:27Speaker 2: Leuk dat je luistert. Nou, gezellig. Ik heb het wel gemist, hoor, Myrthe. Ja,
- 0:31Speaker 2: ik ook. Maar ik moet zeggen we hebben wel een
- 0:32Speaker 2: heerlijke vakantie gehad. Ja. En daar gaan we het vandaag
- 0:35Speaker 2: eens over hebben. Want ik kreeg namelijk heel veel vragen
- 0:38Speaker 2: of we een goede vakantie hebben gehad, hoe het is
- 0:40Speaker 2: met ons, dat we gemist werden, wat natuurlijk superlief is.
- 0:44Speaker 2: En we hebben best wel wat dingetjes te vertellen. zoals
- 0:46Speaker 2: bijvoorbeeld dat de kleuterpodcast er nu ook is als kinderpodcast. Ja.
- 0:51Speaker 2: Maar laten we eventjes bij het begin beginnen. Ik hoop
- 0:53Speaker 2: dat jij een heerlijke zomervakantie hebt gehad. Myrthe, hebben wij
- 0:57Speaker 2: een lekkere zomervakantie gehad? Heerlijk. Ja. En misschien moeten we
- 1:01Speaker 2: eventjes beginnen met het helemaal teruggaan naar de vorige aflevering.
- 1:05Speaker 2: Want daarin vertelden we namelijk in de post. We kregen
- 1:08Speaker 2: een berichtje van iemand in de post. en die had
- 1:10Speaker 2: het erover dat hij ging kijken bij de Nijmeegse Vierdaagse.
- 1:13Speaker 2: En hier
- 1:14Speaker 2: opa, die ging daaraan meedoen. Ja. Die hebben we dan
- 1:17Speaker 2: maar eventjes met een opdracht op pad gegooid, he? Ja.
- 1:20Speaker 2: Wat hebben we gedaan met hem? Een vlag gemaakt. We
- 1:22Speaker 2: hebben een hele grote vlag gemaakt. En wat staat er
- 1:24Speaker 2: op die
- 1:24Speaker 1: vlag? Opa van de kleuterpodcast.
- 1:27Speaker 2: Ja, inderdaad, opa van de kleuterpodcast. En daarmee heeft hij
- 1:31Speaker 2: de Vierdaagse in Nijmegen gelopen. Dus het kan zijn als
- 1:35Speaker 2: jij daar ook bent geweest, dat je de opa
- 1:36Speaker 2: waarmee het heb gezien. Want die was te herkennen aan
- 1:38Speaker 2: de
- 1:38Speaker 1: vlag. Ja. En hij zei ook tegen mij dat ehm.
- 1:43Speaker 1: dat hij ook een paar keer werd geinterviewd.
- 1:47Speaker 2: Ja, ik heb nog niks ervan terug kunnen zoeken. Moet
- 1:49Speaker 2: ik even goed gaan opzoeken. Maar hij werd inderdaad een
- 1:51Speaker 2: aantal keer geinterviewd. omdat mensen dat wel grappig vonden dat
- 1:54Speaker 2: hij met iets lach liep. En we hebben ook een
- 1:55Speaker 2: bericht gekregen, maar dat komt straks bij de post wel
- 1:57Speaker 2: van iemand die hem heeft gespot.
- 2:00Speaker 2: Ja, toen zouden wij eigenlijk op vakantie gaan. Maar dat
- 2:02Speaker 2: ging een beetje anders dan normaal. Want normaal gaan wij
- 2:05Speaker 2: gelijk met z'n allen op vakantie. Maar jij kon eigenlijk
- 2:08Speaker 2: eventjes niet mee. Jij moest een dagje later komen. Wat
- 2:10Speaker 2: was er aan de hand? Ik moest naar zwemles. En
- 2:13Speaker 2: jij moest niet zomaar naar zwemles, want wat mocht jij doen?
- 2:16Speaker 1: Als zwemmen voor mijn A-diploma.
- 2:19Speaker 2: Nou, dat kan echt een beetje uit de lucht vallen.
- 2:23Speaker 2: Dus Myrthe. Die heeft nu de A-diploma, wat natuurlijk heel
- 2:26Speaker 2: knap is.
- 2:28Speaker 2: Maar het rare was, dat was op een dag dat
- 2:30Speaker 2: we eigenlijk al op vakantie zouden zijn. Dus wat heb
- 2:32Speaker 2: jij toen met mama gedaan? Met de trein gegaan.
- 2:35Speaker 1: Naar
- 2:36Speaker 1: Parijs.
- 2:37Speaker 2: Precies.
- 2:38Speaker 1: Maar dat ging een stuk sneller dan met de auto. Ja,
- 2:41Speaker 2: die gaat heel veel sneller dan de auto.
- 2:43Speaker 1: Ja, ik dacht echt dat we dat het ongeveer maar
- 2:47Speaker 1: 10 minuten duurde of zo.
- 2:49Speaker 2: Nou, zo snel is het nou ook weer niet. Maar
- 2:50Speaker 2: het gaat wel heel snel. Inderdaad.
- 2:52Speaker 1: Een keer ging u bijna 300 kilometer.
- 2:55Speaker 2: Ja, ik heb nog een foto gezien die jij en
- 2:58Speaker 2: mama hebben gemaakt. Waarop staat dat hij inderdaad 298 kilometer
- 3:02Speaker 2: per uur ging.
- 3:03Speaker 2: Dat is echt heel hard, he? Zo hard mag ik
- 3:05Speaker 2: niet rijden, hoor. En
- 3:06Speaker 1: toen ging mijn mond ook open bij die foto.
- 3:11Speaker 2: En toen gingen we naar het eerste plekje in Frankrijk.
- 3:14Speaker 2: in Zuid-Frankrijk. En daar konden we best wel goed de
- 3:18Speaker 2: bosbranden ruiken. En hadden we ook soms wel een beetje
- 3:21Speaker 2: last van rook. Gelukkig zaten we er wel heel ver vandaan.
- 3:24Speaker 2: Maar dat was wel een hele leuke stop, he,
- 3:26Speaker 1: Myrthe. Ja. Soms kwamen daar ook hertjes voorbij. En die
- 3:30Speaker 1: hadden wij gezien.
- 3:31Speaker 2: Ja, he. Sommigen waren echt heel dichtbij het huisje gewoon.
- 3:34Speaker 2: Die liepen gewoon rond bij het huisje.
- 3:36Speaker 1: Ja. En sommigen waren
- 3:37Speaker 1: dat we wel zien. Want er was een groot grasveld.
- 3:44Speaker 1: En dan nog een soort van allemaal. En
- 3:51Speaker 2: daar kwamen. En jij had ook daar ook nog wat
- 3:55Speaker 2: vriendjes gemaakt, hè.
- 3:57Speaker 1: Met Sorge en Nolan.
- 3:59Speaker 2: Ja, Nolan uit de Ridderkerk. En George. Waar kwam die
- 4:02Speaker 2: ook al weer vandaan? George. Uit Belgie. En daar hebben
- 4:05Speaker 2: we heel leuk mee gespeeld. Ja. En er was een
- 4:07Speaker 2: hele grote speelkamer, met allemaal Playmobile.
- 4:10Speaker 1: Ja, en ook wel andere dingen, maar meeste Playmobile. Ja.
- 4:15Speaker 2: En vanuit daar gingen we door naar een kleine Airbnb.
- 4:19Speaker 2: En daar was een mevrouw en die ging voor ons koken.
- 4:21Speaker 2: Maar dat was ook iets bijzonders, he. Want wat had
- 4:24Speaker 2: die mevrouw allemaal? Een moestuin?
- 4:26Speaker 1: Precies. Dat is een soort van tuin met allemaal groenten.
- 4:30Speaker 2: Ja. En wat voor wat voor groente had zij allemaal?
- 4:33Speaker 1: Tomaat.
- 4:33Speaker 1: Echt een hele grote courgette.
- 4:42Speaker 2: Ik denk dat ik nog nooit zo'n grote courgette heb gezien. Ja,
- 4:44Speaker 2: ik ook niet. Ja. En dan ging die mevrouw. Die
- 4:47Speaker 2: ging dus voor ons koken uit eigen tuin. Het was heerlijk, hè? Ja.
- 4:50Speaker 2: Toen gingen we door naar Spanje. In Spanje. In Spanje.
- 4:56Speaker 2: In Spanje schijnt altijd de zon.
- 5:00Speaker 1: En toen zaten we op een camping.
- 5:03Speaker 1: En daar was het wel echt heel leuk, want daar
- 5:05Speaker 1: maakte ik ook nog een vriendinnetje. En dat zusje van
- 5:08Speaker 1: mijn vriendinnetje, die hem
- 5:11Speaker 1: was vriendinnetje met mijn zusje.
- 5:13Speaker 2: Ja, die was eh nou iets ouder dan je zusje.
- 5:16Speaker 2: Maar die waren vriendinnetjes en jij was vriendinnen met Lina. Ja.
- 5:20Speaker 2: En jullie hebben heel veel gespeeld, maar jullie hebben ook
- 5:22Speaker 2: iets gedaan. En dat vond ik wel heel bijzonder, moet
- 5:25Speaker 2: ik zeggen. Want normaal, wat doe ik altijd 's ochtends
- 5:28Speaker 2: als ik wakker word? Naar de bakker. Dan ga ik
- 5:30Speaker 2: naar de bakker, ga ik lekker een stokbroodje halen, croissagnes halen.
- 5:34Speaker 2: En ineens. Ja, was mijn taak ineens weg.
- 5:38Speaker 1: Want er was een bakker op de camping. En ik
- 5:42Speaker 1: en Lina gingen samen brood halen.
- 5:45Speaker 2: Toen. Ja, kon ik 's ochtends ineens. Ja, maar een
- 5:49Speaker 2: kopje koffie gaan drinken. Ja,
- 5:50Speaker 1: of je mordoku doen.
- 5:52Speaker 2: Ja, of of mijn mordoku doen. Inderdaad. Ja, dat heb
- 5:56Speaker 2: ik ook nog gedaan.
- 5:57Speaker 2: Inderdaad, ik had ineens geen taak meer in de ochtend.
- 6:00Speaker 2: Ik was jou ineens kwijt. Ging jij croissantjes kopen en stokbrood. Ja. Ja.
- 6:05Speaker 2: Maar dat moet je dan wel in een andere taal doen.
- 6:07Speaker 2: Vond je dat niet spannend? Niet echt. Maar hoe zeg
- 6:10Speaker 2: je dan twee croissant in het Spaans?
- 6:13Speaker 1: Das croissant.
- 6:15Speaker 2: Ja, knap. Ja.
- 6:17Speaker 2: Ja, ik.
- 6:18Speaker 1: En ik weet hoe je een chocoladebroodje
- 6:22Speaker 2: zegt. O, hoe zeg je dat dan?
- 6:24Speaker 1: Uno croissant con choco.
- 6:27Speaker 2: O, heel goed. Maar kan jij dan hier ook even
- 6:30Speaker 2: voor mij de boodschappen gaan doen? Dan hoef ik het
- 6:31Speaker 2: hier ook niet meer te doen.
- 6:33Speaker 1: Nee, dat kan ik niet.
- 6:34Speaker 2: Nee.
- 6:35Speaker 2: En toen gebeurde er iets, en dat was eigenlijk niet
- 6:38Speaker 2: zo leuk. Nee,
- 6:39Speaker 1: onze auto is kapot gegaan. Ja. Maar dat was niet
- 6:43Speaker 1: zo fijn. Dan moesten we heel lang op het strand zitten.
- 6:46Speaker 1: Ik denk wel een uur of 6 of zo.
- 6:49Speaker 2: Ja, jullie hebben heel lang op het strand gezeten. We
- 6:51Speaker 2: zaten we reden met de auto vlakbij een strand. Gelukkig
- 6:55Speaker 2: hadden we alle spulletjes bij ons voor een voor het strand.
- 6:58Speaker 2: Plus een goed gevulde koelbox. Toen ben ik met de
- 7:01Speaker 2: wegenwacht gaan bellen. Dat is de mensen die je gaan
- 7:03Speaker 2: helpen als je auto kapot is.
- 7:05Speaker 2: En jullie zijn met z'n drieen lekker naar het strand gegaan.
- 7:09Speaker 2: en hebben heel de dag op het strand gezeten. Ongeveer, he? Ongeveer. Ja,
- 7:13Speaker 2: ik denk inderdaad wel een uurtje of 6. Maar toen
- 7:15Speaker 2: is de auto is weggesleept, is naar een garage gegaan.
- 7:20Speaker 2: En toen moesten we nog even iets langer in Spanje blijven. Ja.
- 7:22Speaker 1: Ja. Maar ik vond het wel heel jammer toen we
- 7:25Speaker 1: van de camping weggingen.
- 7:26Speaker 2: Dat snap ik wel.
- 7:28Speaker 2: En we hebben ook, en dat is misschien wel heel
- 7:30Speaker 2: erg leuk om te vertellen. voor de mensen die vaker
- 7:33Speaker 2: luisteren naar de podcast. en zeker de mensen die de
- 7:35Speaker 2: Spaanse podcast hebben gehoord. die weten wat Myths favoriete eten
- 7:39Speaker 2: is in Spanje.
- 7:41Speaker 1: Pan con tomate.
- 7:43Speaker 2: Ja, pan con tomate. uh Dat is een broodje met tomaten.
- 7:47Speaker 2: Dat is het favoriete eten van Myrthe. En als je
- 7:49Speaker 2: de Spaanse podcast hebt geluisterd, dan heb je ook gehoord
- 7:52Speaker 2: dat dat dat Mytes favoriete gerecht is. En daar hebben
- 7:55Speaker 2: we iets leuks mee gekocht. Want wij kwamen een schilderijtje tegen.
- 7:58Speaker 2: En moet jij even vertellen wat erop staat op dat schilderij?
- 8:01Speaker 1: Pan con tomate. Ja, is
- 8:03Speaker 2: een schilderij en er staat een broodje op en wat tomaatjes.
- 8:07Speaker 2: En wat olijfolie. En dan staat erop geschreven Pan con tomaten.
- 8:11Speaker 2: En die vonden we zo gaaf en zo'n mooie kleur ook.
- 8:15Speaker 2: Die gaan we in de keuken ophangen. Ja.
- 8:17Speaker 2: En Myrthe, in Spanje hebben we ook iets heel bijzonders meegemaakt.
- 8:20Speaker 2: Wat je misschien, als je zit te luisteren, ook wel
- 8:22Speaker 2: hebt meegemaakt hier in Nederland. of misschien ook ergens anders.
- 8:25Speaker 2: Wat hebben we daar meegemaakt? In Spanje
- 8:26Speaker 1: hebben we de zonsverduistering gezien. En wat was dat dan?
- 8:30Speaker 1: Dat is dat de maan voor de zon gaat. Stukje
- 8:34Speaker 1: voor stukje. En dan wordt het even heel donker. En
- 8:37Speaker 1: dan daarna gaat de gaat de maan weer van de
- 8:39Speaker 1: zon afschuiven aan de andere kant.
- 8:42Speaker 2: Ja, en dat hebben wij in Spanje gezien. En dat
- 8:45Speaker 2: was best wel een bijzonder plekje waar we zaten, he.
- 8:47Speaker 1: Ja, tussen de Spaanse
- 8:48Speaker 2: mensen. Ja, we zaten op een soort heuveltje tussen allemaal Spanjaarden.
- 8:53Speaker 2: En daar zaten we te kijken naar de zonsverduistering. En
- 8:55Speaker 2: daar kon je niet gewoon normaal naar kijken. Wat had
- 8:57Speaker 2: je daarvoor nodig? Een
- 8:59Speaker 1: brilletje.
- 9:00Speaker 2: Ja, speciaal brilletje
- 9:01Speaker 1: inderdaad. Daar kon je echt niks meer zien, behalve de zon. Ja.
- 9:04Speaker 1: Want je mag niet met je ogen naar de zon kijken.
- 9:07Speaker 1: Want Montan e em um gaan je ogen kapot.
- 9:11Speaker 2: Ja, dat moet je niet hebben.
- 9:12Speaker 1: En dan wordt je blind.
- 9:14Speaker 2: Ja, dat willen we niet. Nee.
- 9:16Speaker 2: Maar goed, toen was de auto inmiddels weer gemaakt. Toen
- 9:20Speaker 2: konden we terug naar Nederland. En hier in Nederland kun
- 9:22Speaker 2: je natuurlijk ook heel veel leuke dingen doen tijdens de vakantie.
- 9:25Speaker 1: Ik heb zoveel leuke dingen gedacht. Ik weet het allemaal
- 9:28Speaker 1: niet
- 9:28Speaker 2: meer. Nou, je ging in ieder geval logeren. Ik
- 9:31Speaker 1: heb gelogeerd bij allebei de opa en oma's. Ja.
- 9:34Speaker 2: Dus dat was natuurlijk een feestje. Want dat is denk
- 9:36Speaker 2: ik wel een feestje om bij hun te logeren, toch? Ja.
- 9:39Speaker 2: En als ik zoo naar jou kijk, Myrthe, dan denk
- 9:42Speaker 2: ik ineens. Jij ziet er ook iets anders uit. Er
- 9:45Speaker 2: is iets anders aan jou. Myrthe. Wat heb je groote oogen? Nee. O, uh,
- 9:51Speaker 2: wat is er dan met jou ooren? Kan jij niet
- 9:54Speaker 2: goed hooren.
- 9:57Speaker 2: Wat is dat dan met je oren? Je wijst naar
- 9:58Speaker 2: je oren. Oorbellen. Jij hebt oorbellen. Inderdaad. Ja, je hebt gaatje.
- 10:02Speaker 2: Je wilde heel graag gaatjes. En we hadden gezegd van Nou,
- 10:05Speaker 2: als je 6 bent, dan mag je gaatjes. En ben
- 10:08Speaker 2: je er blij mee? Ja.
- 10:10Speaker 2: En je hebt natuurlijk veel spelletjes
- 10:11Speaker 1: gespeeld. Heel veel. En ik heb aan tijd de vakantie
- 10:15Speaker 1: ook een nieuw spelletje geleerd.
- 10:17Speaker 2: Een nieuw spelletje. En dan denk ik dat het tijd
- 10:20Speaker 2: is voor een spelletje
- 10:23Speaker 1: spelletje spelletje spelletje spelletje.
- 10:30Speaker 2: Ja, Myrthe. Ik denk dat het tijd is voor. Ik
- 10:32Speaker 2: denk dat het tijd is voor een spelletje. En dit spelletje. Myrthe.
- 10:35Speaker 2: Jij zei al Je hebt het gespeeld op vakantie.
- 10:39Speaker 2: Jij moet dit eens eventjes gaan uitleggen, want jij hebt
- 10:41Speaker 2: dit geleerd van jouw vriendinnetje in Spanje.
- 10:44Speaker 2: En zij heet Lina. En die heeft jou een spelletje geleerd. Vertel.
- 10:47Speaker 2: Hoe gaat dat spelletje?
- 10:49Speaker 1: En. Je hebt allemaal kaarten. 2 tot en met de Joker.
- 10:54Speaker 1: En die Joker is het allerhoogste. En die leg je
- 10:57Speaker 1: op zijn kop op tafel en zijn slaapel. En dan
- 10:59Speaker 1: nu tegelijk ze omdraaien. En wie de hoogste kaart heeft,
- 11:04Speaker 1: die mag alles naar zijn naar zijn soort van nesten leggen.
- 11:09Speaker 1: Want dan schuif je alle kaarten.
- 11:12Speaker 1: iedereen schrijf je dan naast jou stapel als die. Als
- 11:18Speaker 1: alle kaarten daarvan zijn. Dan kan je die stapel die
- 11:21Speaker 1: naast jouw andere stapel lag. Die kan je dan pakken
- 11:25Speaker 1: en omdraaien en schudden. En dan kan je weer opnieuw
- 11:29Speaker 1: beginnen totdat iemand niet meer. Het klinkt als een
- 11:31Speaker 2: heel ingewikkeld spel. Het is het niet. Het is echt
- 11:34Speaker 2: superleuk om te spelen. Hoge lager noemen we het.
- 11:37Speaker 2: En het is, ja, eigenlijk heel uh heel leuk om
- 11:40Speaker 2: te spelen. En de bedoeling is natuurlijk om te zorgen
- 11:41Speaker 2: dat jij alle kaarten uiteindelijk in handen krijgt. En vandaag
- 11:46Speaker 2: in het spelletje van de podcast gaan we ook het
- 11:49Speaker 2: spelletje hoger lager doen. Maar dan gaan we dat niet
- 11:52Speaker 2: met kaarten doen. Maar ik noem een getal en dan
- 11:55Speaker 2: moet je zeggen of het volgende getal hoger is of
- 11:57Speaker 2: lager is dan de vorige. Dus ben je er klaar
- 12:01Speaker 2: voor Myrthe? Ja. OK, let goed op. We beginnen met
- 12:06Speaker 2: de drie.
- 12:08Speaker 2: 2. Lager. 5.
- 12:12Speaker 2: hoger.
- 12:14Speaker 2: 4.
- 12:15Speaker 2: lager.
- 12:17Speaker 2: 1 lager. 10.
- 12:21Speaker 1: Hoger.
- 12:23Speaker 2: 12.
- 12:24Speaker 1: hoger.
- 12:26Speaker 2: 9.
- 12:28Speaker 2: laag.
- 12:30Speaker 2: 7.
- 12:31Speaker 1: lager.
- 12:33Speaker 2: 15.
- 12:35Speaker 2: Hoger.
- 12:37Speaker 2: 1.
- 12:38Speaker 2: Laag 100. Hoogste
- 12:43Speaker 2: 80.
- 12:45Speaker 2: lager. 5.
- 12:49Speaker 2: lager.
- 12:51Speaker 2: 9.
- 12:53Speaker 2: hoger.
- 12:55Speaker 2: 6.
- 12:57Speaker 2: lager. 7
- 13:01Speaker 1: hoger, maar S. S. O.
- 13:03Speaker 2: S. Ik denk dat het tijd is voor de post. B,
- 13:08Speaker 2: je bent helemaal geslaagd voor hoger lager.
- 13:10Speaker 1: Waar is de post? Waar is de post? Waar is
- 13:15Speaker 1: de post? Waar is de post? Waar is de post?
- 13:20Speaker 1: Ik wil de post nu lezen. Waar is de post?
- 13:24Speaker 1: Waar is de post? Ik wil de post nu lezen.
- 13:27Speaker 1: Waar is.
- 13:29Speaker 2: Je kan wel merken dat jij met vacantie bent geweest.
- 13:31Speaker 2: En dat jij gewoon weer allemaal nieuwe ideeën hebt.
- 13:35Speaker 2: Ik wil de post ook lezen. Nou, Myrthe, we hebben
- 13:36Speaker 2: echt zo ontzettend veel post binnengekregen in de vakantie. Het
- 13:39Speaker 2: is echt heel leuk. um Mocht je nog geen reactie
- 13:43Speaker 2: hebben van ons. Sorry, wij waren ook even op vakantie,
- 13:45Speaker 2: maar we nemen echt de tijd. We gaan echt alle
- 13:48Speaker 2: berichten beantwoorden. Dan begin ik met een berichtje van Yuki.
- 13:53Speaker 2: Lieve Myrthe, ik vond het superleuk dat je een aflevering
- 13:56Speaker 2: had gemaakt over eenhoorns en regenbogen. Dat is echt mijn lievelings.
- 14:00Speaker 2: Ik heb een spaarpot gekregen en ik zou graag een
- 14:02Speaker 2: aflevering willen luisteren over een spaarpot. Vind jij dat een
- 14:05Speaker 2: goed idee? Liefs uit Korea van Yuki. Korea, dat is
- 14:09Speaker 2: echt heel ver weg, hè. Dat is echt echt heel
- 14:11Speaker 2: ver weg.
- 14:12Speaker 2: eh Maar superleuk idee, denk ik. Ja.
- 14:14Speaker 1: Maar die schrijven op het lijstje. want het was ook
- 14:17Speaker 1: ons idee om die over geld en spaarpotten te maken.
- 14:23Speaker 2: Nou, ik vind dat een heel goed idee. Hij staat
- 14:24Speaker 2: inderdaad al op het lijstje. want wij hadden hadden zelf
- 14:27Speaker 2: ook eventjes zitten bedenken van Waar kunnen we het nog
- 14:29Speaker 2: over hebben? Dus eh goed idee, Yuki.
- 14:32Speaker 2: Dank je wel daarvoor. Die komt er zeker aan. Even
- 14:35Speaker 2: kijken hoor, dan kreeg ik een berichtje van Jip en Sam.
- 14:40Speaker 2: Hallo Myrthe en papa, mijn naam is Sam. Ik ben
- 14:42Speaker 2: 3,5 jaar oud. Ik luister graag naar jullie podcast. Vooral
- 14:45Speaker 2: die van moppen en grapjes vond ik heel leuk. Ik
- 14:47Speaker 2: vraag me af hoe het eten in potjes en blikken
- 14:50Speaker 2: in de supermarkt komt.
- 14:51Speaker 2: Ik kwam erop omdat mijn broertje fruit uit een potje eet.
- 14:54Speaker 2: Zouden jullie daar een podcast over kunnen maken? Groetjes van papa, mama,
- 14:58Speaker 2: Jip en Sam. Nou, leuk idee, denk ik. Want ja,
- 15:00Speaker 2: hoe komt dat inderdaad in een potje terecht? Geen idee.
- 15:04Speaker 2: Geen idee. Moeten we ons eens even een keertje in
- 15:06Speaker 2: gaan verdiepen. Dank je wel voor je berichtje. Dan kreeg
- 15:10Speaker 2: ik een berichtje van Mads. Lieve Myrthe en haar vader.
- 15:14Speaker 2: Er gebeurt hier altijd iets magisch als de kleuterpodcast aanstaat.
- 15:18Speaker 2: Het lijkt er dan wel op alsof er achterin eens
- 15:22Speaker 2: geen kindjes meer zitten. Zoo stil is het. Mads en
- 15:25Speaker 2: zijn zusje Mout luisteren als stille muisjes achterin de auto.
- 15:30Speaker 2: Mads zou het wel leuk vinden.
- 15:32Speaker 2: om een podcast over je lichaam en botten te horen.
- 15:35Speaker 2: Of over magie en goochelen. We genieten van jullie podcast. Groetjes,
- 15:40Speaker 2: Mads en zijn mama. Magie en goochelen. Hoe, die
- 15:44Speaker 1: is leuk, die komt
- 15:45Speaker 2: hierna. Die gaan we hierna maken. Dus ik vind het
- 15:47Speaker 2: een goed idee, Mads en de moeder van Mads. Dank
- 15:50Speaker 2: jullie wel, die komt er dus aan.
- 15:52Speaker 2: hebben we al een beetje verklapt. Dan kreeg ik een
- 15:55Speaker 2: berichtje van Julie en Pippa. Hoi, Meert en papa, wij
- 15:58Speaker 2: zijn zusjes van 6 en 4. en we zijn sinds
- 16:01Speaker 2: kort helemaal fan van jullie podcast. Elk autoritje gaat hij aan,
- 16:04Speaker 2: ook al is het maar een paar minuten. Julie vond
- 16:07Speaker 2: de aflevering over naar groep drie gaan het allerleukst en
- 16:10Speaker 2: Pippa die over trouwen, omdat onze tante laatst ook is getrouwd.
- 16:13Speaker 2: We hopen dat jullie nog heel veel afleveringen gaan maken.
- 16:16Speaker 2: We zijn benieuwd of Myrthe de zoete zusjes ook leuk vindt.
- 16:19Speaker 2: En we vroegen ons af of jullie een aflevering kunnen
- 16:22Speaker 2: maken over hoe snoep wordt gemaakt. Daar houden wij alleen
- 16:25Speaker 2: helemaal niet van, van snoep. Grapje, Groetjes, jullie en Pippa. O, nou,
- 16:32Speaker 2: dus even hier zit heel veel in. um De tante
- 16:34Speaker 2: van jullie en Pippa is ook getrouwd.
- 16:37Speaker 2: Nou, dan denk ik dat de tante is getrouwd met
- 16:39Speaker 2: de oom. Ja. Ja, dat denk ik ook. En de
- 16:42Speaker 2: vraag Vind jij de zoete zusjes leuk, Myrthe? Heel leuk.
- 16:45Speaker 1: Ja, he. Ik heb zelfs met een buurmeisje geruild om
- 16:48Speaker 1: andere boeken te lezen.
- 16:50Speaker 2: Ja, we hebben de boekjes uitgewisseld. En er was nog
- 16:53Speaker 2: iemand die zo'n boekje ging lezen. Even denken wie dat
- 16:56Speaker 2: ook weer was. Jij? Ja, ik ook.
- 16:58Speaker 2: Ja, ik vind het ook heel leuk. Dus echt uh. Ja,
- 17:02Speaker 2: dat vinden wij. Dat vinden wij zeker weten leuk. En
- 17:04Speaker 2: um een aflevering over hoe snoep wordt gemaakt. Die vraag
- 17:08Speaker 2: hebben we wel vaker gehad.
- 17:09Speaker 1: En um wij besluiten om hem op het lijstje te zetten.
- 17:13Speaker 2: O, dat dat besluit jij bij deze.
- 17:15Speaker 1: Ja, dat wil ik gewoon.
- 17:17Speaker 2: Oké. Nou, dan gaan we ook een aflevering maken over snoep.
- 17:20Speaker 2: En ik denk wel dat we dan ook iets moeten proeven,
- 17:23Speaker 2: denk je niet? Ja,
- 17:24Speaker 1: maar ik heb wel een leuk spelletje ervoor.
- 17:26Speaker 2: O, um ga je die nu verklappen of moeten we
- 17:29Speaker 2: daarop wachten tot de podcast komt? Oversnoep. Ik verklap
- 17:32Speaker 1: het spelletje nog niet.
- 17:33Speaker 2: Nou, dan ben ik benieuwd. um Even kijken, hoor. Dan
- 17:36Speaker 2: kreeg ik nog een berichtje van Benjamin. Hallo, Myrthe en
- 17:39Speaker 2: papa Hans, ik geniet heel erg van jullie podcast. Ik
- 17:41Speaker 2: luister bijna elk
- 17:42Speaker 2: elke dag. Ik vind alle afleveringen leuk. Zouden jullie een
- 17:45Speaker 2: aflevering kunnen maken over de wereld? Dat lijkt mij erg leuk. Groetjes, Benjamin.
- 17:51Speaker 2: Ik zie een duim omhoog gaan. Ja. Waar ging die
- 17:54Speaker 2: duim omhoog voor?
- 17:56Speaker 1: Voor de wereld, want ik heb zelf ook een wereldbol.
- 17:59Speaker 2: Ja, nou, ik schrijf hem gelijk op. Want dat is
- 18:02Speaker 2: inderdaad een hele leuke. Dank je wel voor je berichtje, Benjamin.
- 18:05Speaker 2: En dan een berichtje waar ik het eigenlijk al een
- 18:07Speaker 2: beetje over heb gehad. Deze komt van Seder. Hoi, Myrthe
- 18:11Speaker 2: en haar papa. Myrthe, ik heb jouw opa gezien. Hij
- 18:14Speaker 2: zat op de fiets op de brug in Nijmegen met
- 18:17Speaker 2: een vlag van de kleuterpodcast. Dus we denken dat hij
- 18:19Speaker 2: al klaar was met lopen. Maar papa denkt dat hij
- 18:22Speaker 2: misschien smokkelde. Samen met mijn mama ga ik ook een
- 18:26Speaker 2: podcast aflevering maken, net zoals jullie over eenhoorns en regenbogen,
- 18:30Speaker 2: die van ons heet CS podcast voor iedereen.
- 18:33Speaker 2: Dat zijn de eerste klanken van onze namen. En mijn
- 18:36Speaker 2: mama zegt dat CS ook zeg ja betekent in het Engels.
- 18:40Speaker 2: Liefs sede. Nou, dat is natuurlijk superleuk om een podcast
- 18:45Speaker 2: zelf te maken. Dus daar ben ik heel benieuwd naar.
- 18:47Speaker 2: Als die er is, stuur hem vooral door, dan kunnen
- 18:49Speaker 2: wij ook een podcast luisteren. Maar eventjes jouw opa, Myrthe,
- 18:53Speaker 2: denk je dat die smokkelde? Wat is dat? Nou, dat
- 18:55Speaker 2: hij een beetje vals speelt eigenlijk. Nee. Nee, hè? Nou,
- 18:58Speaker 2: ik heb het even gevraagd aan opa.
- 19:00Speaker 2: En opa die was heel vroeg vertrokken. En die was
- 19:05Speaker 2: daardoor ook heel vroeg klaar. want hij moest namelijk snel
- 19:09Speaker 2: terug naar huis toe. En dat is best wel een
- 19:11Speaker 2: stukje vanaf Nijmegen. En dat had ermee te maken dat
- 19:15Speaker 2: jouw overgrootoma, he, de oma Marie, dat is jouw overgrootoma.
- 19:20Speaker 2: Dat is de moeder van opa. Die was jarig. En
- 19:22Speaker 2: hoe oud werd hij? 90. 90. Dus ja, dus hij
- 19:26Speaker 2: moest die dag
- 19:28Speaker 2: terug naar huis toe om eventjes een stukje taart te
- 19:30Speaker 2: komen kunnen eten. Ja. Ja, dus daarom was hij vroeg klaar.
- 19:33Speaker 2: Maar hij heeft het wel gelopen. En dit is dus
- 19:35Speaker 2: ook het bewijs dat opa die vlag overal heeft gedragen.
- 19:38Speaker 2: Want Seder heeft hem gezien. Even kijken hoor. En dan
- 19:40Speaker 2: als laatste Myrthe kreeg ik nog een berichtje uit Nieuw-Zeeland. Hoi,
- 19:45Speaker 2: Myrthe en papa Hans, ik ben Julia, 4 jaar en
- 19:47Speaker 2: woon in Wellington, Nieuw-Zeeland. omdat mijn papa en mama daar
- 19:51Speaker 2: op de Nederlandse ambassade werken.
- 19:53Speaker 2: Ik heb net mijn naam op de kaart ingevuld. Misschien
- 19:55Speaker 2: kun je wel een keertje op bezoek komen, maar het
- 19:57Speaker 2: is wel heel ver weg. Het is aan de andere
- 19:59Speaker 2: kant van de wereld en het is hier nu winter.
- 20:02Speaker 2: Gek hè? Ik heb al je podcasts al meerdere keren geluisterd.
- 20:05Speaker 2: en vond die van moppen en grapjes en voetbal het leukste.
- 20:08Speaker 2: Want ik zit sinds kort op voetbal. We wensen jullie
- 20:10Speaker 2: een hele fijne zomervakantie. Groetjes van Julia en haar papa
- 20:14Speaker 2: en mama. Ja, Wellington, Nieuw-Zeeland. Ik heb even gekeken op
- 20:17Speaker 2: de kaart en dat is inderdaad echt de andere kant
- 20:20Speaker 2: van de wereld. En het grappige is dus wat zij
- 20:22Speaker 2: dus schrijft. Daar is het nu winter.
- 20:25Speaker 2: Terwijl het bij ons zomer is. En
- 20:27Speaker 1: als het bij ons dus winter is, is het bij
- 20:29Speaker 1: hun de zomer. Ja,
- 20:31Speaker 2: dus als het kerst is, dan is het bij ons
- 20:33Speaker 2: altijd koud en regen of sneeuw. En zij zitten dan
- 20:37Speaker 2: gewoon op het strand. Grappig, hè?
- 20:40Speaker 1: Ja, ik vind het wel grappig dat mijn stem aan
- 20:43Speaker 1: de andere kant van de wereld is geweest. Maar ikzelf
- 20:45Speaker 1: nog niet.
- 20:46Speaker 2: Nou, dat is inderdaad heel gek om te bedenken dat
- 20:50Speaker 2: zij ons daar kunnen horen aan de andere kant van
- 20:51Speaker 2: de wereld. terwijl wij het nog niet eens daar zijn geweest.
- 20:54Speaker 2: Dat is heel grappig, hè? Ja.
- 20:55Speaker 2: Dus dan uh. Nou, dan gaan we maar een keertje
- 20:57Speaker 2: op bezoek bij Julia. Maar
- 20:58Speaker 1: ik weet niet of dat of dat wel een goed
- 21:02Speaker 1: idee is. Want we hebben daar misschien. Misschien is daar
- 21:05Speaker 1: wel eenmaal geen huisje of camping of zo in de buurt. Ja,
- 21:08Speaker 2: dat moeten we dan even gaan onderzoeken.
- 21:11Speaker 2: Dat is wel een heel heel ver weg inderdaad. Zoals
- 21:13Speaker 2: ik zei, we hebben heel veel post. Dus er komt
- 21:15Speaker 2: een antwoord op je berichtje, dat beloven wij. Wil je
- 21:19Speaker 2: zelf nog een berichtje achterlaten? Dat kan via onze Instagram,
- 21:22Speaker 2: en dat is @kleuterpodcast. Of via onze website en dat
- 21:26Speaker 2: is
- 21:27Speaker 1: www.kleuterpodcast.nl.
- 21:30Speaker 2: Myrthe, volgende keer. Waar gaan wij het voor
- 21:32Speaker 2: een keer over hebben.
- 21:33Speaker 1: Over toveren, goochelen en magie.
- 21:36Speaker 2: Hoe spannend. We hadden het al een beetje verklapt. Maar
- 21:40Speaker 2: het gaat inderdaad over toveren, goochelen en magie. Ga jij
- 21:44Speaker 2: mij niet.
- 21:45Speaker 1: Pus pocus Pilatus pas. Ik wou dat deze podcast afgelopen was. O,
- 21:52Speaker 2: ik denk dat we aan het einde gekomen zijn.
- 21:54Speaker 2: um Wil je ons nog een plezier doen? Like en
- 21:57Speaker 2: deel dan eventjes deze podcast. Geef hem eventjes een duimpje
- 22:00Speaker 2: of sterren. Wat waar je ook zit te luisteren, daar
- 22:03Speaker 2: maak je ons heel blij mee. Myrthe, ik zou zeggen
- 22:06Speaker 2: tot de volgende keer. Tot de volgende
- 22:07Speaker 1: keer.