Latest / Kleuter Podcast / Dromen | Kleuterpodcast #3
Transcript
- 0:02Speaker 1: Leuk dat je luistert naar de kluiten podcast.
- 0:05Speaker 2: Ja, leuk dat je luistert. Vandaag moeten we uitkijken dat
- 0:08Speaker 2: we niet in slaap gaan vallen, Myrthe. Ja,
- 0:10Speaker 1: want vandaag gaan we het hebben over drop
- 0:14Speaker 1: kom bij de stoere kleuter.
- 0:17Speaker 1: moet nou toch.
- 0:21Speaker 1: En hoe verdampt een regendru. Myrthe en haar papa hebben
- 0:25Speaker 1: zoveel vrij
- 0:32Speaker 1: uw verhaal
- 0:38Speaker 1: voor alle
- 0:40Speaker 1: Waar droom jij van papa? Waarom heb ik soms een
- 0:44Speaker 1: enge droom? Droom jij ook wel eens dat je een
- 0:46Speaker 1: prinses bent, Papa? En zijn dromen echt?
- 0:53Speaker 2: het zoveel
- 0:56Speaker 2: Welkom bij een nieuwe kleuterpodcast. Vandaag gaan we het hebben
- 1:00Speaker 2: over dromen. Myrthe. Heb jij wel eens gedroomd dat je
- 1:03Speaker 2: een prinses bent? Nee. Heb je dan wel eens gedroomd
- 1:06Speaker 2: over een unicorn? Ja. Ja. O, wat gebeurde er dan?
- 1:10Speaker 1: Er was er een regenboog. En toen kwam er een
- 1:13Speaker 1: modep goud halen bij de regenboog. Toen kwam er een unicorn.
- 1:19Speaker 1: die dacht Huh, Waar is de pot goud. En toen
- 1:22Speaker 1: zei de regenboog die hem had. En de een ging
- 1:27Speaker 1: toen naar de Mol. En toen, zonder dat de Mol
- 1:30Speaker 1: door had, pakte ze de pot met goud af.
- 1:34Speaker 2: Dat klinkt als een leuke droom. Ik hoor een regenboog.
- 1:37Speaker 2: Een unicorn. Dat zijn dingen waar jij heel erg van houdt, toch?
- 1:40Speaker 2: Ja en. En. Ja, en. Droom jij vaak eigenlijk? Ja.
- 1:46Speaker 1: Ja. Maar vaak een enge
- 1:47Speaker 2: droom. Vaak een enge droom. Oh ja, dat kan ook.
- 1:50Speaker 2: En wat zijn dan de Want je vertelde net over
- 1:52Speaker 2: de unicorn en over de regenboog. Maar wat zijn de
- 1:55Speaker 2: leukste dromen die je dan hebt?
- 1:58Speaker 1: Ik weet de dromen niet meer.
- 1:59Speaker 2: Ja, dat kan, hè? Ik heb dat ook vaak dat
- 2:01Speaker 2: ik iets droom.
- 2:03Speaker 2: En dan word ik wakker en dan denk ik Oh,
- 2:05Speaker 2: ik heb zo lekker gedroomd, maar dan weet ik eigenlijk
- 2:07Speaker 2: niet meer waarover. Doe ik ook vaak. Kom ik wel
- 2:09Speaker 2: eens voor in jouw dromen? Ja. Ben ik dan gewoon papa?
- 2:11Speaker 2: Of ben ik dan een gekke papa? Eh.
- 2:13Speaker 1: Eerst een gekke papa die dat jij altijd je haren
- 2:17Speaker 1: gek doet. en dat dan je haren weer goed
- 2:20Speaker 2: doet. Ja, ik heb veel met m'n haren, inderdaad. um.
- 2:23Speaker 2: Je hebt natuurlijk een klein zusje, Linde. Ja.
- 2:26Speaker 2: Denk je dat Linda ook droomt? Nee. Ik zou het
- 2:29Speaker 2: eigenlijk niet weten. Maar als ze zou dromen, waar zou
- 2:32Speaker 2: ze dan over dromen? Denk je? Over
- 2:34Speaker 1: mij. Ja, ik vraag. En over papa. En ook over mama.
- 2:37Speaker 2: O, dat vind ik leuk. Ja, ik. Ik vind het
- 2:39Speaker 2: ook altijd leuk om te denken van Waar zou ze
- 2:41Speaker 2: dan over dromen? Misschien droomt ze wel over een fles.
- 2:44Speaker 2: Oh ja. En droom jij ook wel eens over later.
- 2:48Speaker 2: Daar kan je ook over dromen.
- 2:49Speaker 2: Nee. Dat je droomt over Hoe zou het eens uitzien
- 2:52Speaker 2: als ik oud ben? Droom je daar wel eens van?
- 2:55Speaker 1: Ja, maar niet zo heel vaak.
- 2:56Speaker 2: En doe je wel eens aan dagdromen? Weet je wat
- 2:59Speaker 2: dat is? Dagdromen? Nee. Dagdromen is dat je eigenlijk aan
- 3:03Speaker 2: het dromen bent. Maar dan overdag. Dus je zit eigenlijk
- 3:06Speaker 2: een beetje in je eigen gedachten overdag. Ja, dat heb
- 3:08Speaker 1: ik elke dag. Elke dag droom ik. Maar dan ben
- 3:12Speaker 1: ik wel wakker overdag. Ja.
- 3:15Speaker 2: En. Wat is Wat is nou het leukste aan dromen?
- 3:17Speaker 2: Vind je?
- 3:18Speaker 1: Dat je alles kan zijn, zijn en zien.
- 3:23Speaker 2: Ja. En wat zou je dan allemaal willen zijn? Wie
- 3:25Speaker 2: zou jij willen zijn als je mag dromen? Nu? Prinses.
- 3:28Speaker 2: En wat doet die prinses dan?
- 3:30Speaker 1: Eh, bloemetjes
- 3:31Speaker 2: plukken. Kom ik dan ook in jouw droom voor? Ja.
- 3:34Speaker 2: Wat ben ik dan in jouw droom? Willem-Alexander ben ik Willem-Alexander,
- 3:39Speaker 2: onze koning.
- 3:41Speaker 2: Oké. Jij bent de prinses en de koning. Ja, dat.
- 3:44Speaker 2: Dat klopt wel. De
- 3:45Speaker 1: koning van de
- 3:46Speaker 2: prinses. Ja, dat klopt wel, want de prinses is de
- 3:49Speaker 2: dochter van de koning. Dus dat klopt dan wel. Dus
- 3:52Speaker 2: dan ben ik Willem-Alexander de koning.
- 3:57Speaker 2: Jij zei net Je hebt ook wel eens een enge droom. Ja. Ja.
- 4:00Speaker 2: Waar gaat die dan over? Weet ik niet. O, nou,
- 4:03Speaker 2: misschien ook maar goed ook. En wat doe je dan
- 4:05Speaker 2: als je een enge droom hebt? Ja, papa, mama, hè? Ja,
- 4:08Speaker 2: dan kom je meestal naar ons. Ja. Ja. Zullen we
- 4:11Speaker 2: daar dan eens even over hebben? Wat kan je eigenlijk
- 4:13Speaker 2: doen aan die droom? Ja. Want
- 4:15Speaker 1: anders dan weet ik nooit wat hoe ik hem op
- 4:17Speaker 1: kan lossen.
- 4:18Speaker 2: Ja, want meestal als jij dan uh bang bent. Als
- 4:22Speaker 2: je dan een enge droom hebt gehad, dan kom je
- 4:24Speaker 2: naar papa of mama toe.
- 4:25Speaker 2: En wat zeg ik dan altijd als je. Want dan
- 4:27Speaker 2: zeg je Ik heb een enge droom. En wat doe
- 4:29Speaker 2: ik dan altijd?
- 4:30Speaker 1: En op te lossen. Dan gaan we
- 4:32Speaker 2: hem oplossen. Hoe doen we dat? Eh.
- 4:35Speaker 1: Om dingen te zeggen tegen mijn droom. En dat de
- 4:39Speaker 1: droom dan niet mee mag.
- 4:42Speaker 2: Ja. Dus dan gaan we, dan gaan we de droom
- 4:44Speaker 2: gaan we veranderen, hè. Dus dan is er bijvoorbeeld. Dan
- 4:47Speaker 2: droom je van een eng monster. En dan zeg ik Ja,
- 4:50Speaker 2: maar dat enge monster. Wij gaan op vakantie en en
- 4:53Speaker 2: die kan niet mee.
- 4:55Speaker 2: En, dan gaan we gaan we zelf de droom een
- 4:57Speaker 2: beetje veranderen. Ja. Ja, dus wat kan je doen aan
- 5:00Speaker 2: een enge droom? Je kan er sowieso over vertellen tegen
- 5:02Speaker 2: je papa of mama. En vaak voelt het dan al
- 5:05Speaker 2: minder eng als je het hebt verteld. Ja. En wat
- 5:08Speaker 2: wij altijd doen is maak zelf een goed einde aan
- 5:12Speaker 2: je droom. Dus je kan samen met papa of mama.
- 5:14Speaker 2: Of misschien kan je het ook wel zelf proberen om
- 5:17Speaker 2: een enge droom te veranderen in een leuke droom of
- 5:20Speaker 2: misschien zelfs een grappige droom. Als je
- 5:23Speaker 2: een dromer van een monster. Wat zou je dan kunnen dromen?
- 5:25Speaker 2: Dat
- 5:26Speaker 1: hij dan in de poep trapt. En dat hij dan
- 5:29Speaker 1: een clown verandert.
- 5:30Speaker 2: Ja. Nou, dan ben je gelijk uit de droom. Dat
- 5:33Speaker 2: is gelijk een in plaats van een enge droom is
- 5:35Speaker 2: het ineens een hele grappige droom.
- 5:39Speaker 1: Ja.
- 5:41Speaker 1: Papa. Waarom droomen we eigenlijk?
- 5:44Speaker 2: Ja, dat is een goeie vraag. Eigenlijk help je je
- 5:46Speaker 2: dromen je gedachten een beetje op te ruimen. Dus alles
- 5:50Speaker 2: wat je overdag hebt meegemaakt. Dat wordt opgeruimd door je hersenen.
- 5:54Speaker 2: Want dan gaan ze gewoon nog een keertje nadenken over
- 5:56Speaker 2: de dingen die ze niet snapten. En maken ze daar
- 5:58Speaker 2: een mooi of gek verhaal van. En soms dus ook
- 6:01Speaker 2: een eng verhaal. Omdat ze gewoon iets niet snappen je hersenen.
- 6:05Speaker 2: En soms zijn dromen er gewoon omdat het heel leuk
- 6:08Speaker 2: is om te dromen. Want dat is het natuurlijk.
- 6:09Speaker 2: Als jij droomt over een unicorn, is het natuurlijk super. Leuk.
- 6:13Speaker 2: En je kan soms een avontuur beleven wat je eigenlijk
- 6:15Speaker 2: niet kan beleven. Ik kan wel eens vliegen in mijn droom.
- 6:18Speaker 2: Heb je dat ook wel eens gehad? Ja.
- 6:22Speaker 2: Ik denk dat het tijd is voor een spelletje. Ja!
- 6:28Speaker 2: En ons spelletje vandaag, dat is een beetje gek, want
- 6:30Speaker 2: dromen zijn namelijk meestal ook een beetje gek. Dus ons
- 6:33Speaker 2: spelletje van vandaag is de droommachine. Om de beurt zullen
- 6:38Speaker 2: Myrthe en ik een zin maken. En met die zin
- 6:41Speaker 2: maken we dus een heel verhaal. En op het moment
- 6:45Speaker 2: dat de wekker gaat, dan is de droom voorbij. En
- 6:48Speaker 2: dan is het tijd om wakker te worden. Dus dat
- 6:50Speaker 2: is het spelletje dat we vandaag spelen. De droommachine.
- 6:53Speaker 2: En daarmee maken we een hele gekke droom. Begin jij
- 6:55Speaker 2: met een uh. Begin jij met een zin.
- 6:57Speaker 1: Maar eerst de wekker zetten. Ja, zet ik even de wekker.
- 7:01Speaker 1: Kabouter zat op een paddenstoel met een pot met pasta erin.
- 7:05Speaker 1: En toen die verstopte hij op een geheime plek dat
- 7:11Speaker 1: niemand hem kon vinden. Alleen maar de kabouter.
- 7:15Speaker 2: Maar zijn vrienden die in het voetbalteam zaten.
- 7:18Speaker 2: hadden heel veel honger en zooveel trek in pasta. Want
- 7:24Speaker 2: ze roken de pasta wel. Maar ze wisten niet waar
- 7:27Speaker 2: de pasta vandaan kwam.
- 7:29Speaker 1: En de kabouter ging maar naar ze toe. En die
- 7:36Speaker 1: nam ze meê naar de geheime plek waar de pasta
- 7:39Speaker 1: verstopt was.
- 7:40Speaker 2: En toen zei de kabouter Lieve vrienden. Eigenlijk wilde ik
- 7:46Speaker 2: dit voor mezelf houden.
- 7:48Speaker 2: Maar nu ga ik het met jelui deelen. De pasta.
- 7:52Speaker 2: En hij keek naar den pot. En ineens zat er
- 7:56Speaker 2: geen pasta meer in, maar iets heel anders.
- 8:00Speaker 1: En toen was er een berg met
- 8:05Speaker 1: gouden chocoladem in.
- 8:09Speaker 2: En iedereen uit het voetbalteam was blij gouden chocolademunten. En
- 8:15Speaker 2: in eens kwam daar een kleine fee en die zei
- 8:19Speaker 2: tegen den kabouter.
- 8:22Speaker 1: Lieve en
- 8:24Speaker 1: vrienden. Ik had het in Melvaart.
- 8:30Speaker 2: Ah, ik vind het een heel lieve droom. En dat
- 8:33Speaker 2: deed ze omdat.
- 8:36Speaker 2: ze er achter kwam dat de kabouter heel goed kon delen.
- 8:40Speaker 2: Dus dan geen pasta, maar gouden chocolademunten.
- 8:45Speaker 1: En toen betooverde het steeds hele pot vol met allemaal
- 8:51Speaker 1: lekkere
- 8:52Speaker 2: dingetjes. En de wekker gaat einde. Och, wat gaat de
- 8:55Speaker 2: tijd snel als je slaapt als je lekker ligt te dromen.
- 8:58Speaker 2: Dit spelletje kan je natuurlijk ook gewoon met je ouders spelen,
- 9:01Speaker 2: want je moet gewoon simpelweg om de beurt een zin
- 9:04Speaker 2: zeggen en dan krijg je vanzelf een hele gekke droom
- 9:08Speaker 2: dankzij de droommachine.
- 9:12Speaker 2: Nou Myrthe. Ik heb inmiddels wel zin om eigenlijk te
- 9:15Speaker 2: gaan slapen. Om lekker te gaan dromen.
- 9:17Speaker 1: Ja, want we zijn aan het einde van de podcast gekomen.
- 9:20Speaker 1: Dus ga jij maar lekker slapen, papa.
- 9:22Speaker 2: Nou, dat ga ik zeker straks doen. Ik heb sowieso
- 9:25Speaker 2: geleerd vandaag dat de dromen heel gek kunnen zijn. En
- 9:29Speaker 2: ik heb geleerd dat als wij samen een droom verzinnen.
- 9:32Speaker 2: dat het de leukste droom wordt die ik ken. Ha. Ja,
- 9:37Speaker 2: volgende keer Myrthe. Waar gaan we het dan over
- 9:39Speaker 1: hebben? Over sneeuw. O,
- 9:42Speaker 2: dan denk ik dat ik maar me sneeuwpak aandoe. Want
- 9:45Speaker 2: ik ben bang dat jij wat sneeuwballen tegen mij aan
- 9:47Speaker 2: gaat gooien.
- 9:49Speaker 2: Nou,
- 9:51Speaker 1: ik ga slapen, hoor. Sluit jij maar even af. Nou.
- 9:54Speaker 1: Dit was het einde van de podcast. Heb jij ook
- 9:57Speaker 1: een leuke n? Deel hem dan met ons via onze Instagram@ kleuterpodcast.
- 10:26Speaker 1: het zoveel!