Latest / Learn Dutch with Fexingo / Dutch Hobbies - Lezen, Schilderen, Sporten
Transcript
- Lucas: Hallo, en welkom terug bij Learn Dutch with Fexingo. Ik ben Lucas. Luna: En ik ben Luna. En we zijn weer klaar om Nederlands te leren! Lucas: Luna, hoe was je weekend? Luna: Oh, het was heel rustig. Ik heb veel gelezen. En jij? Lucas: Ik heb geschilderd! Ik ben een beetje een hobbyist. Luna: Ooh, leuk. En vandaag gaan we het over hobby's hebben, toch? Lucas: Precies. We gaan drie veelgebruikte werkwoorden leren voor hobby's: lezen, schilderen en sporten. Luna: Lezen, schilderen, sporten. Oké, die ken ik al een beetje. Lucas: Mooi! Laten we beginnen met lezen. Zeg het maar na: lezen. Luna: Lezen. Lucas: Goed. Lezen betekent 'to read'. Nu een zin: Ik lees graag. Luna: Ik lees graag. Dat betekent 'I like to read'. Lucas: Precies. Nog een keer: Ik lees graag. Luna: Ik lees graag. Lucas: Perfect. En jij leest graag, hè Luna? Luna: Ja, ik lees graag. Vooral thrillers. Lucas: Leuk! Laten we nu naar schilderen gaan. Schilderen. Luna: Schilderen. Lucas: Schilderen betekent 'to paint'. Een voorbeeld: Zij schildert graag. Luna: Zij schildert graag. 'She likes to paint'. Lucas: Helemaal goed. Kun je dat herhalen? Luna: Zij schildert graag. Lucas: Mooi. Stel je voor: je vriendin is een kunstenaar. Zij schildert graag. Luna: Ah, dus als ik over mijn vriendin praat, zeg ik: Zij schildert graag. Lucas: Ja! En nu het derde werkwoord: sporten. Luna: Sporten. Lucas: Sporten betekent 'to exercise' of 'to do sports'. Een zin: Hij sport elke dag. Luna: Hij sport elke dag. 'He exercises every day'. Lucas: Ja. Herhaal maar: Hij sport elke dag. Luna: Hij sport elke dag. Lucas: Goed. En nu een vraag: Lees jij graag? Luna: Lees jij graag? Dat is 'Do you like to read?'. Lucas: Precies. Kun je die vraag beantwoorden? Luna: Ja, ik lees graag. Lucas: Mooi. En nu een algemenere vraag: Wat doe je in je vrije tijd? Luna: Wat doe je in je vrije tijd? 'What do you do in your free time?'. Lucas: Ja. Dat is een handige zin voor een gesprek. Zeg het maar na: Wat doe je in je vrije tijd? Luna: Wat doe je in je vrije tijd? Lucas: Perfect. Stel dat iemand jou dat vraagt. Wat antwoord jij? Luna: Ik lees graag. Lucas: En je kunt ook zeggen: Ik sport graag. Als je dat doet. Luna: Ik sport graag. Ja, dat is ook waar. Ik probeer elke dag te sporten. Lucas: Mooi. Laten we een kort gesprekje doen. Stel, ik vraag jou: Wat doe je in je vrije tijd? Luna: Ik lees graag en ik sport graag. En jij? Lucas: Ik schilder graag. Zie je? Heel natuurlijk. Luna: Yes! Ik ben klaar om dit te gebruiken. Lucas: Laten we de zinnen nog een keer oefenen. Zeg mij na: Ik lees graag. Luna: Ik lees graag. Lucas: Zij schildert graag. Luna: Zij schildert graag. Lucas: Hij sport elke dag. Luna: Hij sport elke dag. Lucas: Lees jij graag? Luna: Lees jij graag? Lucas: En de vraag: Wat doe je in je vrije tijd? Luna: Wat doe je in je vrije tijd? Lucas: Fantastisch, Luna. Je hebt het goed gedaan. Luna: Dank je wel, Lucas. Het was leuk! Lucas: En dat was het voor vandaag bij Learn Dutch with Fexingo. Vergeet niet te oefenen. Luna: Ja, oefen met je vrienden. Vraag ze: Wat doe je in je vrije tijd? Lucas: En antwoord met: Ik lees graag, ik schilder graag, of ik sport elke dag. Luna: Tot de volgende keer! Lucas: Doei!